708 MGA: de wethouder en de journalist (casus frisse scholen)

Dat ik ook toen al niet naïef in mijn MGA en ‘allemaal winnen’ was, vind ik blijken uit het voorbeeld van de wethouder en de journalist. Ik vind het nog steeds een mooi voorbeeld, benieuwd naar wat AI daar nu als kern van ziet. Het vergt een kleine uitleg, dit is echt zo gebeurd, en het ging inderdaad om een wethouder en een journalist en … een ‘frisse school’.

Een frisse school … Er moest een nieuwe school worden gebouwd in de gemeente. We kwamen er achter dat je een mooie school kunt bouwen waar iedereen blij van wordt voor zeg een paar ton extra. Mooi betekent hier zeer zeker NIET ‘mooi voor het oog’ of ‘esthetisch verantwoord’ of ‘passend in de filosofie van een architect en zijn portfolio’ (want ja die zaten ook aan tafel en waren regelmatig een stoorzender, daarover later meer in andere blogs). Nee, mooier als in: betere luchtkwaliteit, meer daglicht, minder fijnstof, meer speelruimte, minder schooluitval, minder vervangende kosten, minder onderhoud. We maakten destijds een uitgebreide rekentabel waarin alle voordelen zoveel mogelijk in Euro’s werden uitgewerkt (als in de bierviltjes-methodiek bij oa basisinkomen, zie aldaar), maar ook minder harde voordelen die niet in Euro’s zijn te vertalen. Minder uitval en zittenblijven leidt zo bijvoorbeeld tot eerdere deelname van jongeren in de maatschappij en zo tot meer belastingafdrachten. Lang verhaal kort: de paar ton extra die een frisse school zou kosten zou zich binnen enkele jaren terugverdienen, we hadden een ‘keigoeie’ business-case met een rendement waar je U tegen zegt. Dus we konden aan de gang, die school zou gebouwd worden? Nee, natuurlijk niet, de betreffende wethouder kon het geld niet vinden, had een horizon van 4 jaar en wilde de goedkopere gewone school bouwen.

Toen kwam ik met het idee van de journalist en het interview. De journalist zou de wethouder interviewen voor het plaatselijke blad. Ik mocht de journalist vooraf briefen over de gang van zaken. Uiteraard vertelde ik hem over de voordelen van de frisse school. Maar ook dat ik alle begrip had voor de wethouder want die had onvoldoende budget blabla. Ik wist natuurlijk dat de journalist verbaasd zou zijn en dat hij de wethouder ook de vraag zou stellen: maar legt U eens uit, wethouder, het kan toch niet zo zijn dat u onze kindertjes tekort wilt doen en dat u gaat voor die paar ton voordeel? Legt u dat eens uit.


Dit is een heel goed voorbeeld. Hier zie je eigenlijk MGA op zijn hardst en slimst. Niet als brave win-win, maar als het veranderen van de onderhandelingsruimte. Wat jij deed was niet proberen de wethouder moreel te bekeren. Je dacht niet: Als ik hem maar goed uitleg dat kinderen over twintig jaar beter af zijn, zal hij vanzelf het goede willen. Je zag juist: Deze wethouder kijkt vier jaar vooruit, want zijn politieke cyclus, zichtbaarheid en eigenbelang liggen daar. Dus je erkende zijn belang. Niet moreel, maar analytisch.

Wat gebeurde er precies?

Je veranderde het speelveld. Eerst was de prikkelstructuur ongeveer zo:

Situatie vóór interventieEffect
Wethouder denkt in periode van vier jaarLange termijn telt weinig mee
Duurzame school levert baten buiten zijn termijnVoor hem politiek minder aantrekkelijk
Kinderen profiteren laterGeen directe beloning voor wethouder
Extra maatschappelijke baten zijn abstractMakkelijk te negeren
Gesprek vindt achter gesloten deuren plaatsHij kan kortetermijngedrag volhouden

Daarna bracht je een journalist in positie. Daardoor veranderde het belang van de wethouder. Niet omdat hij ineens moreel verlicht werd, maar omdat er een nieuw eigenbelang ontstond: Ik wil niet publiekelijk overkomen als iemand die de langetermijnbelangen van kinderen negeert. Dat is cruciaal.

Dit is moraal als reputatieprikkel

De morele redenering — kinderen beter af, minder zittenblijvers, duurzame investering — werkte niet rechtstreeks op zijn geweten. Maar via openbaarheid werd die moraal omgezet in een reputatievraag. De vraag van de journalist doet eigenlijk dit: U mag best kortetermijnbelangen hebben, maar wilt u die ook hardop verdedigen tegenover burgers, ouders en kiezers? Dat maakt het private belang publiek zichtbaar. En zodra het zichtbaar wordt, verandert het karakter ervan. Achter gesloten deuren kan een wethouder denken: Mijn termijn is vier jaar, daarna zie ik wel. In het openbaar moet hij zeggen: Ik vind mijn termijn belangrijker dan de langetermijnontwikkeling van kinderen. En dát kan hij niet zeggen. Dus ontstaat een nieuwe route: Lange termijn meenemen wordt ineens óók eigenbelang. Niet omdat hij een beter mens is geworden, maar omdat zijn politieke zelfbeeld, reputatie en publieke verdedigbaarheid nu meespelen.

Dit is geen morele acceptatie, maar institutionele slimheid

MGA brengt geen moraal binnen als innerlijke bekering. MGA kan wel helpen ontdekken:

  1. welk belang iemand werkelijk heeft;
  2. waarom een moreel argument daar niet op aangrijpt;
  3. welke arena nodig is om dat argument toch gewicht te geven;
  4. welke extra partij, informatie of openbaarheid de prikkels verandert.

In jouw voorbeeld wordt moraal niet gepredikt. Moraal wordt geïnstitutionaliseerd via journalistiek, openbaarheid en reputatie.

De journalist als ontbrekende stakeholder

In MGA-termen zou je kunnen zeggen: de journalist vertegenwoordigt niet letterlijk de kinderen, maar brengt wel een bredere publieke arena binnen. Eerst zaten aan tafel waarschijnlijk:

  • gemeente;
  • wethouder;
  • school/bestuur;
  • adviseurs;
  • misschien bouwpartijen;
  • misschien financiën.

Maar de echte langetermijnbelanghebbenden — kinderen, ouders, belastingbetalers, toekomstige generaties — hadden geen directe stem of macht. Door de journalist te informeren, bracht je een soort indirecte stakeholder in het proces: de publieke verantwoording. Dat is slim, want sommige belangen bestaan wel, maar hebben geen onderhandelingsmacht. Dan moet je die macht organiseren.

Wat je feitelijk deed: de BATNA van de wethouder verslechteren

Voor de wethouder was de oorspronkelijke BATNA misschien: Ik doe niets of kies een kortetermijnoplossing. Niemand merkt het echt. Ik kom ermee weg. Na jouw interventie werd die BATNA slechter: Als ik niets doe, kan ik publiekelijk worden neergezet als iemand die aantoonbare langetermijn-voordelen voor kinderen negeert. Daarmee veranderde je de onderhandeling. Je gaf de wethouder geen preek. Je veranderde zijn kosten-batenanalyse.

Dit is eigenlijk “hard voor de zaak, zacht voor de persoon”

Het mooie is: je hoefde hem persoonlijk niet aan te vallen. De journalist vraagt niet: Bent u een kortzichtige bestuurder? Maar: Begrijp ik u goed dat deze langetermijn-baten voor kinderen voor u geen rol spelen? Dat is veel sterker. De vraag is neutraal geformuleerd, bijna MGA-achtig:

  • open;
  • feitelijk;
  • gebaseerd op belangen;
  • met ruimte voor correctie;
  • maar tegelijk dwingend.

De wethouder krijgt zelfs een uitweg: Nee, natuurlijk speelt dat wel een rol. Daarom wil ik dit opnieuw bekijken. En precies dat is onderhandelingskunst. Je geeft iemand een manier om te draaien zonder gezichtsverlies.

De kern: je maakte het goede belang politiek bruikbaar

Kinderen op lange termijn beter af helpen is moreel sterk, maar politiek zwak als het buiten de verkiezingscyclus valt. Jij maakte dat belang politiek bruikbaar. Niet door te zeggen: Denk toch aan de kinderen. Maar door de wethouder in een positie te brengen waarin hij kon zeggen: Juist omdat ik aan de toekomst van deze kinderen denk, kies ik voor deze duurzame school. Dan wordt het morele belang onderdeel van zijn eigen verhaal. Dat is misschien wel de zuiverste MGA-beweging: niet de ander verslaan, maar zijn eigenbelang zo herschikken dat het gewenste gedrag ook voor hem verdedigbaar wordt.

Wat dit zegt over jouw ontwikkeling

Vroeger gebruikte je dit vooral praktisch: Hoe krijg ik een betere uitkomst voor dit project? Nu kijk je er systemischer naar: Aha, blijkbaar werken morele argumenten pas als ze gekoppeld worden aan reputatie, macht, open-baarheid of eigenbelang. Dat is het verschil.

Blogwaardige formulering

Ik geloofde niet dat een wethouder vanzelf verder dan vier jaar vooruit keek. Waarom zou hij? Zijn termijn, zijn zichtbaarheid en zijn politieke beloning lagen dichterbij. Dus erkende ik zijn belang. Niet omdat ik het mooi vond, maar omdat het bestond. Vervolgens veranderde ik de arena. Als een journalist in een openbaar gesprek vraagt of de langetermijnbelangen van kinderen voor hem geen rol spelen, ontstaat er een nieuw eigenbelang. De wethouder wordt niet moreel beter, maar het wordt voor hem politiek voordeliger om het morele argument serieus te nemen. Dat is misschien de harde kern van MGA: niet mensen bekeren, maar de context zo veranderen dat betere keuzes ook voor henzelf verdedigbaar worden.

Previous Post
@media print { /* Verberg alle ongewenste onderdelen */ header, .site-header, nav, .main-navigation, .sidebar, .site-sidebar, aside, footer, .site-footer, .widget-area, .breadcrumbs, .post-meta, .related-posts, .comments-area, .print-hide { display: none !important; height: 0 !important; margin: 0 !important; padding: 0 !important; overflow: hidden !important; } /* Verberg ook bepaalde vaste*