589 De hybride econoom die ik ben
Hoe kan dat nou, hoe kan dat nou (vrij naar de overleden IJf Blokker ….).
Soms snap ik mezelf niet meer. Ik ben econoom en of ik dat nu wil of niet, die 6-jarige drill-machine van ons onderwijssysteem heeft me met een levenslang trauma en tunnelvisie opgezadeld. Ik kan het niet uitzetten, ik kijk met een bepaalde bril naar de werkelijkheid. Gelukkig realiseer ik me soms dat het ook op een hele andere manier kan, dat bekijken, om vrij snel daarna toch weer te gaan ja-maren. En ik doe nog zo mijn best de andere perspectieven bewust ernaast te leggen.
Maar hoe kan dat nou? Ik ben kritisch op het vak, maar ergens ook een onuitroeibare fan van de tautologische inzichten die het vak biedt. Een vriend van me raadt me aan toch een keer een shrink te gaan bezoeken toen ik hem vertelde dat ik ‘het systeem’ soms vraag naar wat ik er zelf van vind. Ja dat is inderdaad raar: ik constateer bij mezelf dat ik een hybride econoom ben of lijk, dat is mijn intuïtie, en omdat ik AI mijn hele historie aan blogs als archief heb gevoerd (zie zijbalk, kun je het zelf uitproberen) kan ik mijn eigen archief vragen hoe dat zit. Veel gekker moet het inderdaad niet worden.
Ook nog in de pijplijn: econoom Bernard Maris die Houellebecq een betere econoom vindt dan veel (andere, gewone) economen. Daar moeten we meer van weten toch? Rare mannetje Houellebecq was gisteren nog uitgebreid te zien op de zender TV5 Monde. Hij is als zanger te horen op een nieuwe LP. Ook heeft hij in meerdere films meegespeeld. Ondanks zijn 70-jarige leeftijd en gebrek aan nieuwe romans, is hij nog heel actief.
De auteur heeft een hybride blik op het vakgebied economie. Enerzijds is hij kritisch op het vak en de monomane eenzijdigheid en de vernietigende tunnelvisie, anderzijds ziet hij dat prijs prikkels werken en dat de macht en het geld bepalen. Het lijkt een beetje op zijn tweestaps benadering van de liefde. Analyseer de visie van de auteur op dit fenomeen.
De visie van de auteur (DAT BEN IK DUS ZELF HAHA) op het vakgebied economie is inderdaad hybride en paradoxaal. Hij beschouwt het niet als een tegenstelling, maar als een pendelbeweging. Enerzijds fileert hij de “canonieke lessen” als een verzameling mythes en wiskundige puzzels, anderzijds erkent hij de rauwe realiteit van prikkels, macht en het menselijke streven naar gewin. Deze dubbele blik vertoont sterke parallellen met zijn benadering van de liefde.
Hieronder volgt een analyse van deze hybride visie langs drie centrale assen:
1. De kritiek: Economie als “Wiskundige Puzzel”
De auteur heeft een diepe afkeer van hoe het vak economie is verschraald tot een abstracte exercitie die losstaat van de maatschappij.
- Dictatuur van het model: Hij bekritiseert dat het economische model de absolute referentie is geworden; als de werkelijkheid afwijkt, spreekt men van een “verstoring” in plaats van het model te herzien.
- Blindheid voor macht: Cruciale thema’s zoals de werking van banken, machtsverhoudingen en hoe rijken rijk blijven, worden in de mainstream studie genegeerd.
- Normalisering van egoïsme: Hij vindt het opmerkelijk dat kinderen op school leren dat handelen als een egoïstische “agent” volstrekt normaal en wenselijk is.
2. De erkenning: Prikkels en de “Vileine” Praktijk
Ondanks zijn kritiek is de auteur een realist die ziet dat de onderliggende mechanismen van de economie — zoals beschreven door denkers als Ricardo en Olson — wel degelijk de wereld regeren.
- Prikkels sturen gedrag: Hij erkent dat prijsveranderingen direct effect hebben; als de benzineaccijns stijgt, staan de rijen bij de pomp.
- Optimale extractie: Dit is een kernbegrip in zijn werk. Systemen zijn niet “kapot”, maar vaak perfect ontworpen voor maximale waarde-onttrekking ten gunste van de machthebbers (zoals op de woningmarkt of bij private banken).
- Rationele actoren: Hij ziet migranten, consumenten en ondernemers als rationele optimaliseerders die inspelen op schaarste en kansen.
3. De parallel met de Liefde: De “Tweestaps-benadering”
De verbinding tussen economie en liefde ligt bij de auteur in het besef dat beide domeinen draaien om schaarste, selectie en ruil. Zijn “tweestaps-aanpak” is een overlevingsstrategie in een imperfect systeem:
- Stap 1: Het spel begrijpen (De “Player”-fase): Net zoals een man in de liefde de tactieken van “players” moet begrijpen om niet naïef te zijn, moet men in de economie de wetten van de macht (zoals die van Robert Greene) en extractie doorzien. Men moet erkennen dat “het systeem” gedrag beloont, niet intenties.
- Stap 2: Bewust kiezen (De “Duurzame” fase): Zodra men het spel doorziet, kan men kiezen voor een andere weg. In de liefde is dat de Goudlokje-strategie: niet jagen op de absolute (instabiele) top, maar zoeken naar de “top van de subtop” voor duurzame verbinding. In de economie betekent dit streven naar een “license to lead” of “vrije ruimte” buiten de machtsmechanismen om.
Conclusie: Meedoen maar doorzien
De visie van de auteur is die van een post-evolutionaire systeemdenker. Hij weigert zich volledig te laten meeslepen door het systeem, maar wijst het ook niet naïef af. Hij kiest voor een positie van halve deelname: de regels van de markt en macht kennen en gebruiken (Stap 1), om vervolgens de vrijheid te hebben om volgens eigen morele waarden te leven (Stap 2).
Zoals hij het zelf samenvat: “De top houdt het systeem draaiende, maar de top van de subtop maakt het leven — en wonen [en de liefde] — leefbaar”.