489 Lees deze roman NIET!

Nog weer verder met het thema roman en schrijven. Ik las onlangs ergens, kan het helaas niet meer terug vinden, dat iemand een boek ontving om te recenseren. Ze schrok (het was een vrouw) van het boek omdat er heftige scenes in voorkwamen in de context van manosfeer-taferelen. Haar stelling was: lees dit boek NIET. Eigenlijk vond ze het niet kunnen dat dit soort gedachtes, ideeën, in een boek terecht kwamen, ook niet als het fictie is of de zinnen worden uitgesproken door een fictief hoofdpersoon. Daar schrok ik dan weer van. En zoals zo vaak zie ik weer beide kanten. Ja in een roman krijg je juist de gelegenheid een verhaal op te bouwen, de nuances te laten zien, zonder last of ruggespraak, zonder bewijslast, je bent helemaal vrij, daar zit de kracht. Tenminste zo kijk/keek ik er naar. Je kunt ongenuanceerd uit de hoek komen via een fictief persoon en die uitspraken in de mond leggen. En door andere personen te introduceren krijg je zo spanning en nuance en kun je als lezer meeleven en er zelf over gaan nadenken. Is dit ook niet wat kunst kan doen? Moet doen?

Anderzijds: zo wordt het wel heel makkelijk om dingen zonder gevaar te benoemen die je zelf nooit zou durven of mogen zeggen. Lekker los gaan en je achter je fictie verschuilen. Hé, ik ben het niet die dit zegt, dat zijn mijn karakters, het is maar een verhaal. Daar kun je misbruik van maken en er mensen door beïnvloeden en ze op rare gedachtes brengen. Maar ja, als je als schrijver ook al dat filter moet opzetten … En zie je dit ook niet terug al langere tijd bij cabaretiers? Die kunnen ook alles zeggen, lijkt/leek het, omdat het humor is, met een knipoog. Maar dat doen ze al lang niet meer, ook zij houden zich in toenemende mate aan regels al dan niet aan zichzelf opgelegd. Hoe zit dit nu, analyseer het, breng nuance aan, en hoe houd ik het leuk om fictief en vrij te kunnen schrijven eventueel over ongemakkelijke onderwerpen?


Je beschrijft een spanning die al eeuwen in de literatuur zit, maar die nu extra “hard” aanvoelt door online dynamiek: fictie als vrijplaats versus fictie als sluiproute voor propaganda.

Waarom die recensent “lees dit niet” zegt

Dat “niet lezen” is vaak geen literaire kritiek (“slecht geschreven”), maar een normatieve waarschuwing: dit boek kan schade doen, omdat het ideeën normaliseert, erotiseert, of rekruteert. Zeker bij manosfeer-achtige scènes (misogynie, vernedering, geweld, coercie) speelt mee:

  • Contextverlies: losse scènes circuleren als screenshots/quotes. Nuance verdwijnt.
  • Incentives: controverses verkopen; platforms belonen verontwaardiging.
  • Recruitment-vrees: fictie kan als “emotionele onboarding” werken: je voelt mee, je wordt meegezogen, je krijgt taal voor een wereldbeeld.

Dat is de “publieke gezondheid”-hoek: liever voorkomen dan genezen.

Waarom jouw literaire intuïtie óók klopt

Fictie is juist het medium waarin je dingen kunt laten gebeuren zonder meteen een beleidsnota te schrijven. De kernkracht is:

  • meerstemmigheid (verschillende perspectieven)
  • ambiguïteit (het is niet één stelling)
  • ervaring boven argument (de lezer leeft, en oordeelt zelf)

Veel morele en politieke inzichten zijn überhaupt ooit “mogelijk” geworden doordat romanciers ze eerst verbeeld hebben.

Waar het mis kan gaan (zonder dat jij dat per se wil)

De valkuil is niet “taboe behandelen”, maar hoe je het behandelt. Er zijn grofweg drie risicoprofielen:

  1. Glorificatie / erotisering
    De tekst “straalt” uit: dit is aantrekkelijk, slim, stoer, effectief—zonder echte prijs.
  2. Onweerlegbaarheid
    De roman bouwt een wereld waarin de ideologie altijd gelijk krijgt (tegenspraak is karikatuur).
  3. Plausible deniability
    De auteur gebruikt fictie als rookgordijn om eigen pamfletpunten te droppen, zonder verantwoordelijkheid.

Dat is precies het “lekker los gaan en je verschuilen” waar je zelf al op wijst.


Hoe hou je het vrij én leuk, zonder een moreel politieagent in je hoofd?

1) Schrijf taboe, maar betaal de “realiteitsbelasting”

Taboe kan, ook extreem. Maar laat het systeem iets kosten.

  • psychologische prijs
  • sociale prijs
  • relationele prijs
  • juridische/werkelijke consequenties

Niet als strafpreek, maar als waarheidsgetrouwheid. Lezers prikken door “gratis macht” heen.

2) Maak de tegenspraak intelligent

Als de tegenstemmen dom zijn, wordt het propaganda (ook als jij dat niet bedoelt).

  • Geef de morele tegenstem ook charme, humor, scherpte.
  • Laat kritiek niet alleen van “de brave” komen, maar ook van iemand die je hoofdpersoon bewondert.

3) Gebruik “close third” als veiligheidsmechanisme

In plaats van als auteur te verklaren: laat de lezer in het hoofd zitten van iemand met dubieuze ideeën, maar met zichtbare beperkingen:

  • blinde vlekken
  • rationalisaties
  • inconsistenties
  • zelfbedrog

Dan krijgt de lezer het gereedschap om te zien: ah, zo werkt dit in een mens.

4) Maak het aantrekkelijk om het níet te geloven

Dit is subtiel maar krachtig: geef alternatieve routes die óók verleiden. Niet “goed vs slecht”, maar “twee verleidingen”. Dan voelt de roman vrij, maar niet ronselend.

5) Kies je speelveld: exploratie vs agitatie

Een simpele zelfcheck vóór publicatie:

  • Exploratie: “Wat gebeurt er als iemand dit gelooft?”
  • Agitatie: “Kijk eens hoe gelijk dit is.”

Je kunt best hard exploreren; agitatie is waar lezers (terecht) nerveus van worden.


Cabaretiers: waarom zij ook “minder vrij” lijken

Cabaret werkte lang met een impliciet contract: we doen alsof, het is spel. Dat contract is brozer door:

  • fragmenten die los rondgaan (geen context, wel impact)
  • publiek dat heterogener is (minder gedeelde codes)
  • sneller reputatie-/inkomensrisico (cancel is ook gewoon marktwerking)

Dat zie je nu ook bij romans: de context is niet meer het boek, maar het internet.


Praktische trucs om jezelf vrijheid te geven zonder naïef te worden

  • Voorwoord of nawoord? Alleen als je dat echt wil. Maar je kunt ook een mini-ethische knipoog in de roman zelf stoppen: een scène waarin de “het is maar fictie”-truc juist wordt besproken of ontmaskerd.
  • Testlezers met verschillende antennes: één die gevoelig is voor “normalisering”, één die allergisch is voor “moraal”.
  • Schrijf de tabooscène twee keer:
  1. versie die “cool” is
  2. versie die “waar” is
    Kies de waarheidsversie.
  • Laat de lezer werken: moraliseer niet; leg wel sporen.

Een simpele richtlijn die vaak werkt

Je mag alles schrijven, zolang je niet doet alsof het “zonder consequenties” is. Dat houdt het speels en vrij, maar voorkomt dat je per ongeluk een advertorial voor een ideologie schrijft.

Previous Post Next Post
@media print { /* Verberg alle ongewenste onderdelen */ header, .site-header, nav, .main-navigation, .sidebar, .site-sidebar, aside, footer, .site-footer, .widget-area, .breadcrumbs, .post-meta, .related-posts, .comments-area, .print-hide { display: none !important; height: 0 !important; margin: 0 !important; padding: 0 !important; overflow: hidden !important; } /* Verberg ook bepaalde vaste*