560 Een (non-fictie) boek is niet meer van deze tijd?

Dat is wat ik vaak doe, en jij en vele anderen met mij, doen dat ook al, geef het maar toe! Je loopt tijdens je research tegen een boek aan, ja daar wil je kennis van nemen, en je gaat zoeken, grote kans dat je ergens online vindt of je koopt het, en wat dan? Nou, ik neem me dan voor het een keer te gaan lezen. Op mijn gemakkie. Toch ff kijken wat erin staat, de inhoudsopgave, achterflap, soms nog even googlen op de inhoud of de auteur. Of zal ik het toch even ‘door AI halen’ en kijken wat de kern van het boek is? Ik betrap mezelf erop dat dat laatste steeds vaker voorkomt. En je raadt het al: van dat boek dan helemaal zelf lezen komt natuurlijk niks meer terecht.

Concrete aanleiding. Ik luister een recente podcast van Carla Ketelaar, daar wordt melding gemaakt van een boek dat me interesseert, Moederhonger, ik ga dat boek opzoeken, vind dat boek, laat er een samenvatting van maken. Uiteraard kom ik daar later op terug. Nog zoiets: ik vind dat boek in de oorspronkelijke Engelse editie. Ook al geen probleem, want mijn samenvatting laat ik uiteraard maken in het Nederlands. Wat dan weer de volgende vraag stel, waarom zou een uitgever dit boek nog willen laten vertalen, als steeds minder mensen een boek lezen, en de taal er niet meer zoveel toe doet?

Oftewel: het boek zelf lezen van kaft tot kaft, dat doe ik steeds minder vaak, alleen nog heel selectief. Ik laat het boek samenvatten en ga via AI met dat boek in gesprek. Ik ga vragen stellen specifiek rond het thema dat me op dat moment bezig houdt. Het boek is niet meer een lineair ding dat voor me ligt maar wordt een circulair iets waar ik even induik en dan weer terugkom om er weer ergens anders in terug te duiken. Een rare metafoor, maar wat ik wil zeggen: (en ik heb het over non-fictie uiteraard, dus niet over een roman) het is niet alleen dat ik het boek niet meer lees, het is nog sterker, namelijk dat ik een andere manier lijk te hebben gevonden om met dat boek om te gaan en die manier levert me meer op en bespaart me tijd. Wat dan weer de vraag stelt: waarom zou je nog een (gewoon) non-fictie boek schrijven? Want wie gaat het lezen? Het wordt hooguit gebruikt op een manier die jij als schrijver niet hebt gekozen, de lezer bepaalt zijn of haar eigen volgorde.

Vanuit deze gedachte, wat moet je dan nog doen als leverancier van non-fictie? Als een boek niet meer geschikt is, wat is het dan? Als je geen boek meer produceert, dan heeft de lezer geen beginpunt of start meer voor zijn vervolgvragen. De schrijver moet een pot met kennis(-fragmenten) aanleveren maar op die pot moet dan wel iets komen te staan van: dit zit in de pot, dat is interessant voor jou, ga er maar mee aan de gang.


1. Wie leest er nog boeken?

Steeds minder mensen lezen een boek van A tot Z. En dat is geen moreel oordeel, maar een functionele verschuiving. Er zijn grofweg vier nieuwe leesvormen ontstaan:

  1. Scannend lezen
    Inhoudsopgave → kopjes → conclusie → paar kernpagina’s.
  2. Just-in-time lezen
    Je leest alleen dát stuk dat je nú nodig hebt (en vaak pas nadat je een vraag hebt).
  3. Dialogisch lezen met AI
    Het boek is geen eindpunt meer, maar grondstof:
  • “Vat dit hoofdstuk samen”
  • “Wat mis ik hier?”
  • “Waar zit de zwakte?”
  • “Leg dit uit alsof ik econoom / docent / leek ben”
  1. Niet-lezen maar wél gebruiken
    Je kent de ideeën, zonder het boek ooit echt gelezen te hebben.

👉 In die zin: boeken worden minder gelezen, maar meer geraadpleegd dan ooit.


2. Wat verandert er fundamenteel?

Van lineair → modulair

Het klassieke boek is: begin → midden → einde

AI maakt ervan: inhoud → modules → vraaggestuurd gebruik. Een boek wordt:

  • een database van ideeën
  • een argumentenbank
  • een conceptuele grondstof

De lezer bepaalt nu:

  • volgorde
  • diepte
  • perspectief
  • relevantie

En dat betekent iets ongemakkelijks: De auteur verliest de regie over de leeservaring.


3. Wat betekent dit voor schrijvers?

Hier komt het kantelpunt.

❌ Wat verliest waarde

  1. Het boek als container, “300 pagina’s want zo hoort het.”
  2. Oppervlakkige non-fictie
  • managementpraat
  • herkauwde ideeën
  • vage inspiratie zonder scherpte

AI slurpt dit moeiteloos op en spuugt het beter uit.

  1. De autoriteit van het boek
    “Het staat in een boek, dus het klopt.”

✅ Wat wint juist aan waarde

  1. Denkkracht, Boeken die:
  • originele verbanden leggen
  • systemisch denken
  • meerdere lagen tegelijk hanteren

AI kan samenvatten, maar geen nieuwe werkelijkheid zien zonder menselijke input.

  1. Positionering, Wie schrijft:
  • vanuit een unieke biografie
  • met een herkenbare obsessie
  • met een consistente lens → blijft relevant.
  1. Weerbarstige boeken, Boeken die zich niet makkelijk laten reduceren:
  • essayistisch
  • gelaagd
  • ambigu
  • soms zelfs tegenstrijdig

Die dwingen traagheid af.


4. De toekomst van het non-fictieboek

Ik zie vijf duidelijke richtingen:

1. Het boek als denkobject

Geen handleiding, maar:

  • een kader
  • een manier van kijken
  • een set vragen

2. Het boek als bron voor AI-dialoog

Toekomstig scenario:

  • Je koopt een boek
  • Je krijgt toegang tot:
  • de tekst * een AI die dat boek kent * jouw vragen leert kennen

Niet: lees mijn boek. Maar: denk met mijn boek


3. Het boek als statement

Minder boeken, maar:

  • scherper
  • persoonlijker
  • riskanter

Meer pamflet, minder handboek.


4. De auteur als denker-in-dialoog

De schrijver wordt:

  • essayist
  • curator
  • gids
  • gesprekspartner

Het boek is niet het product, maar het anker.


5. Terugkeer van het trage boek

Paradoxaal genoeg:

  • juist omdat alles snel gaat,
  • krijgen sommige boeken weer status als:
  • rustpunt
  • concentratie-oefening
  • mentale retraite

Maar dat zijn uitzonderingen, geen massaproducten.


5. En jouw observatie, terug naar jou

Wat jij beschrijft — “vroeger las ik, nu bevraag ik” — is geen verarming. Het is: een verschuiving van consumeren naar onderzoeken. Je gebruikt boeken zoals een econoom data gebruikt:

  • niet om te geloven
  • maar om te testen, bevragen, herordenen

En precies dát maakt de toekomst van schrijven helder: Boeken die het verdragen om uit elkaar gehaald te worden, overleven. De rest wordt prompt.


1. Waarom zou je überhaupt nog een boek willen schrijven?

Niet:

  • om gelezen te worden van A tot Z
  • om “expertstatus” te claimen
  • om iets definitiefs vast te leggen

Maar wél om dit: Een publiek denkobject te maken waar anderen zich toe kunnen verhouden. Dat is een ander motief dan vroeger. Het boek is dan niet het antwoord, maar de uitnodiging.

👉 Hoe nodig je iemand uit om mee te doen, in plaats van te consumeren?


2. Waarom werkt een losse blogdatabase niet vanzelf?

Je intuïtie klopt: een verzameling blogs + vragen is inhoudelijk sterker dan één lineair boek. Maar psychologisch mist er iets cruciaals:

❌ Wat een database níét heeft

  • geen beginpunt
  • geen aanleiding
  • geen belofte
  • geen “dit is voor mij”-moment

Voor de buitenstaander voelt het als: “Interessant… maar waar stap ik in? En waarom nú?” Mensen hebben geen gebrek aan inhoud. Ze hebben gebrek aan een reden om te beginnen.


3. Wat doet een boek traditioneel wél (en dat moet je vervangen)

Een klassiek boek doet drie dingen:

  1. Het benoemt een probleem
  2. Het suggereert een weg
  3. Het belooft transformatie

Niet omdat het waar is — maar omdat het houvast geeft. Als je géén boek schrijft, moet je die functies expliciet herontwerpen.


4. De kern: je mist geen vorm, maar een ritueel

Wat jij zoekt is geen product, maar een toegangsmoment. Een handreiking bestaat altijd uit vier elementen:

1. Een herkenbare frictie

Bijvoorbeeld (bij daten 50+):

  • “Ik snap de markt niet meer”
  • “Alles voelt transactioneel”
  • “Ik doe alles ‘goed’ en toch werkt het niet”
  • “Ik wil geen datingcoach, maar ook niet blijven aanmodderen”

➡️ Dit moet expliciet benoemd worden.


2. Een veilige belofte (géén oplossing)

Niet: “Ik ga je leren hoe je succes hebt” Maar: “Ik ga samen met je kijken wat hier eigenlijk speelt”


3. Een duidelijke eerste stap

Cruciaal. Zonder dit gebeurt er niks. Bijvoorbeeld:

  • één essay
  • één vraag
  • één zelftest
  • één herkenbaar scenario

“Begin hier. Lees dit. Stel jezelf deze vraag.”


4. Een open vervolg

Niet: koop deel 2. Maar: “Daarna kun je kiezen: verder lezen, verder vragen, of afhaken.” Dat laatste is belangrijk. Vrijwilligheid.


5. Hoe kan die handreiking er concreet uitzien?

Hier drie vormen die bij jou passen — allemaal zonder klassiek boek.

Vorm 1: Het Startessay

Een korte, scherpe tekst van ±15 pagina’s. Titelachtig, maar niet schreeuwerig, bijvoorbeeld:

  • Waarom daten na je vijftigste rationeel klopt — en toch vastloopt
  • Waarom ik geen datingadvies geef
  • Dit boek is geen handleiding

Functie:

  • kader zetten
  • toon bepalen
  • juiste publiek aantrekken
  • verkeerde publiek afstoten

Daarna: “Als dit resoneert, kun je verder. Zo niet: stop hier.”

Vorm 2: De Vraag-ingang

Je biedt geen inhoud aan, maar een vraag. Bijvoorbeeld: “Waar liep je voor het laatst vast — niet praktisch, maar innerlijk?” Op basis van het antwoord:

  • verwijs je naar 2–3 relevante essays/blogs
  • nodig je uit tot vervolgvragen
  • ontstaat dialoog

Hier is jouw blogdatabase ineens een bibliotheek met gids.

Vorm 3: Het Denklab

Niet:

  • coaching
  • therapie
  • cursus

Maar: “Een plek waar we samen denken over liefde, selectie, markt en verlangen.” Het boek (of essay) is dan:

  • het startpunt
  • het gemeenschappelijke referentiekader
  • de taal die jullie delen
Previous Post Next Post
@media print { /* Verberg alle ongewenste onderdelen */ header, .site-header, nav, .main-navigation, .sidebar, .site-sidebar, aside, footer, .site-footer, .widget-area, .breadcrumbs, .post-meta, .related-posts, .comments-area, .print-hide { display: none !important; height: 0 !important; margin: 0 !important; padding: 0 !important; overflow: hidden !important; } /* Verberg ook bepaalde vaste*