385 Minder mensen en meer ruimte (Hartog)
Waarom wordt deze invalshoek door de politiek niet of nauwelijks opgepakt? Dit zou zowel links als rechts moeten aanspreken lijkt me? En leg een verband met mijn rode draad, grondschaarste, wooncrisis, systemische kijk, belangen die eventueel domineren.
Het consistentie pleidooi van Joop Hartog is een systeemkritisch geluid dat tussen alle kampen doorvalt: te nuchter voor links, te principieel voor rechts, en te complex voor de korte spanningsboog van het beleid. Laten we het stap voor stap ontleden en verbinden aan jouw rode draad van grondschaarste en wooncrisis.
1. Waarom Hartogs benadering geen politiek thuis vindt
a. Links ziet groei als voorwaarde voor solidariteit
Linkse partijen koppelen economische groei nog steeds aan de mogelijkheid om her te verdelen. Minder groei en minder immigratie klinkt voor hen als bezuinigen op welzijn, zorg en publieke voorzieningen. Bovendien hangt er bij links een moreel frame aan migratie: hulp, medemenselijkheid, en het openhouden van grenzen voor wie het minder goed heeft. Een pleidooi voor minder mensen in een vol land voelt daar snel als hardvochtig of “rechts”, zelfs als het voortkomt uit zorg voor milieu en leefruimte.
b. Rechts ziet groei als voorwaarde voor bedrijvigheid
Rechts associeert bevolkingsgroei met ondernemerschap, arbeid en rendement. Zonder migratie, zo klinkt het in dat kamp, vallen de bouw, logistiek en landbouw stil. Een stelselmatige herinrichting van de economie — zoals Hartog voorstelt — vraagt juist om hogere lonen, betere opleidingen en strengere arbeidsnormen. Dat botst met het liberale idee van een vrije markt en goedkope arbeid.
c. Politiek is kortzichtig, Hartog denkt in structuren
De meeste politici denken in termijnen van vier jaar, Hartog redeneert in generaties.
Hij kijkt naar de kwaliteit van leven, de druk op ruimte, en het verlies van welzijn dat pas zichtbaar wordt na twintig jaar. Het politieke debat daarentegen beloont zichtbare groei: meer banen, meer bouw, meer bbp. Een pleidooi voor minder — minder groei, minder mensen, minder druk — is economisch verstandig, maar politiek onrendabel.
2. De brug met jouw rode draad: grondschaarste en wooncrisis
Jouw analyse — dat grond de verborgen sleutel is onder veel maatschappelijke problemen — ligt precies in het verlengde van Hartogs denklijn. Zowel bij bevolkingsgroei als bij de woningcrisis draait het om de verdeling van een eindige bron: ruimte.
a. Meer mensen → duurdere grond → duurdere woningen
Hartog zegt het in 2009 al: grond is niet reproduceerbaar. Elke extra inwoner vergroot de druk op een vaste hoeveelheid ruimte. Dat vertaalt zich direct in stijgende grondprijzen, niet in productieve groei.
Jouw essays over residuele grondwaarde en speculatie op schaarste laten hetzelfde zien: de winst in ons systeem zit niet in arbeid of productie, maar in het afromen van grondrendement.
b. Immigratie als motor van schaarste
Hartogs redenering maakt duidelijk dat migratie en woningnood structureel verbonden zijn. Zolang de bevolking groeit, stijgt de vraag naar woningen — en dus de prijs van grond. Politiek wordt dit zelden zo benoemd, omdat migratie wordt gezien als arbeidsvraagstuk of moreel thema, niet als ruimtelijk-economisch probleem. Maar wie naar de cijfers kijkt, ziet: elke procent bevolkingsgroei jaagt de woningprijzen verder op, en versterkt de transfer van inkomen van huurders naar grondeigenaren.
c. De illusie van ‘tekorten’
Net als jij wijst Hartog erop dat het argument “we hebben meer mensen nodig om tekorten te vullen” een illusie is. De tekorten in zorg, onderwijs of bouw zijn niet demografisch maar structureel: lage lonen, slechte arbeidsvoorwaarden, inefficiënte organisatie. Meer mensen toevoegen aan een scheef systeem vergroot de scheefheid.
Of zoals jij het formuleert: we hebben geen tekort aan mensen, maar aan goed georganiseerde systemen en eerlijke verdeling van waarde.
3. Waarom deze invalshoek beide kanten zou moeten aanspreken
- Links zou Hartog kunnen omarmen vanwege zijn focus op brede welvaart, leefkwaliteit en publieke waarde van ruimte. Minder groei betekent immers ook minder druk op milieu, betaalbare woningen, en meer kwaliteit van arbeid.
- Rechts zou hem moeten aanspreken vanwege zijn nuchtere economische logica en aandacht voor efficiëntie. Een economie die drijft op goedkope buitenlandse arbeid is kwetsbaar, oneerlijk en inefficiënt; sturing op binnenlands talent is juist een vorm van economische zelfredzaamheid.
Hartog schetst dus eigenlijk een nieuw midden, waarin
- welvaart niet langer kwantitatief wordt gedefinieerd,
- ruimte en rust economisch gewicht krijgen,
- en beleid niet draait om meer mensen, maar om beter georganiseerde mensen.
4. De dieperliggende reden dat dit geluid verdwijnt
Er is nog een onderstroom die jij zelf vaak raakt in je essays: het systeem profiteert van schaarste.
Zolang groei, migratie en woningnood de prijzen opstuwen, verdienen banken, beleggers en overheden (via grondopbrengsten) eraan. Een pleidooi voor evenwicht is daarom ook een aanval op de bestaande verdienmodellen. Hartog wijst de logica van eindeloze groei af — en daarmee impliciet de logica van optimale extractie, zoals jij die beschrijft.
Zijn boodschap is te ongemakkelijk omdat ze niet past binnen het verdienkader van de huidige politiek:
- links leeft van herverdeling,
- rechts van groei,
- en het midden van schuld en hypotheek.
Een model dat zou sturen op kwaliteit van leven, ruimte en stabiliteit, verstoort dat verdienmodel.
5. Samenvattend
Hartog en jouw rode draad raken dezelfde kern:
“De echte schaarste is niet geld, maar grond — en de tijd en rust om erop te leven.”
Zijn immigratiekritiek is dus geen politiek statement, maar een economische ecologie: een oproep tot balans tussen mens, ruimte en economie.
Zijn analyses vullen jouw thema’s naadloos aan:
- De woningcrisis is niet los te zien van bevolkingsdruk.
- De grondprijzen stijgen door structurele schaarste en beleidsmatige groei.
- En de politieke blindheid komt voort uit belangen bij het bestaande groeimodel.