679 Rand meets Bernhard (2): Casper, Bob en NLP in Nijmegen

Casper ontmoet Bob

Bob komt elk jaar naar Nijmegen. Dat is bijzonder, heel bijzonder. Bob is erbij geweest, bij het allereerste begin. Het begin van een wereldwijde beweging die voor die tijd nieuw was. Inmiddels gemeengoed, het is onderdeel geworden van veel van onze dagelijkse handelingen, onderdeel van cursussen voor docenten en leraren en managers. En zo is het in de afgelopen 50 jaar doorgesijpeld naar alle geledingen van onze maatschappij. Casper is vandaag, op de eerste dag van de training, wat eerder aanwezig, hij wil rondkijken wat er allemaal binnenkomt aan cursisten, een kop koffie nemen, zichzelf bewust worden van deze bijzondere gelegenheid, de rust ervoor nemen, het is een cadeautje aan zichzelf, allemaal onderdeel van deze driedaagse. Daar komt Bob binnen, samen met de begeleiders. Vermoedelijk is ie gisteren gearriveerd uit Amerika of een land waar ie de afgelopen dagen toevallig getraind heeft. Bob is eigenlijk altijd onderweg, ergens op de wereldbol zijn dingen doen, voor groepen zoals deze. Bob is zoals altijd in het zwart gekleed. Zoals wel meer goeroes dat doen, Steve Jobs springs to mind. Het idee zal wel zijn dat genieën als Bob en Steve hun tijd niet willen verdoen met elke morgen nadenken over wat ze die dag weer aan zullen doen. Dus 5 setjes zwarte broeken, zwarte t-shirts en zwarte colltruien. Schoenen: soort sneakers die ergens het midden houden tussen schoenen die je onder een pak kunt dragen en sportschoenen, netjes en toch sportief, je kunt ze na het hardlopen in principe aanhouden. Want dat is wat Bob elke morgen doet, een uur hardlopen, maakt niet uit waar ie is in de wereld, onderdeel van zijn routine, zo blijft ie fit. De vraag zal deze dagen ook aan Bob gesteld worden, hoe houdt ie het in hemelsnaam vol om jaar in jaar uit overal op de wereld dit te doen en ondertussen boeken te schrijven en nieuwe methodes uit te vinden. Zijn antwoord zal zijn dat dit hem geen energie kost maar energie oplevert. In de avond, op het einde van een trainingsdag, is hij fitter dan in de ochtend bij de start. Langzaam stroomt de zaal vol. Casper kent een aantal deelnemers nog van vorig jaar. Ze vormen een club gelijkgestemden. Zij, de cursisten, kennen Bob persoonlijk, ze hebben met hem op de foto gestaan, een stilzwijgend bewustzijn dat hen met trots vervult. Het valt Casper op dat Bob een te groot colbert draagt, uiteraard zwart, daar zit de verbazing niet. Waarom zo groot en ruimvallend? Heeft hij geen partner of vrienden die hem hier op wijzen? Of valt het alleen Casper op dat Bob zwemt in zijn jasje? Nu weet hij het weer, dat viel hem vorig jaar ook al op, Casper maakt een notitie in het schrift dat hij speciaal voor deze training heeft gekocht.

Casper weet wat hij wil deze 3-daagse. Bob gaat uitleggen hoe hij modelleert. Dat is technische jargon, het principe is simpel. Bob heeft in de jaren 90 meerdere genieën ‘gemodelleerd’. Leonardo da Vinci, Albert Einstein, Walt Disney, Nikolaï Tesla, dat soort mensen. Zelfs een fictief personage heeft Bob gemodelleerd: Sherlock Holmes. Bob heeft er dikke boeken over geschreven: strategies of genius. Als je iemand modelleert ga je er als het ware naast staan en je leeft je in die ander in en herhaalt alles wat die ander doet, denkt en voelt. Zo ontrafel je alle stappen die de ander, vaak onbewust, neemt en maakt er zo een stappenplan van dat bij jou past. Als een ander het kan, kan jij het ook. Als Casper dit uitlegt aan zijn vrienden gebruikt ie meestal het voorbeeld van Walt Disney. Disney was als geen ander in staat te visualiseren wat kinderen mooi vonden en kon dat met zijn team ook vertalen naar concrete succesvolle films. Bob heeft door Disney te modelleren de ‘Disney-strategie’ ontwikkeld. Grofweg komt het er op neer dat je in je team een dromer, een realist en een criticus benoemt. De dromer droomt vrijuit, de realist denkt na over hoe je dromen kunt vertalen naar een tastbaar product, de criticus komt met opbouwende vragen hoe het beter of anders kan. Dit rondje gaat net zolang door tot iedereen tevreden is met het resultaat. Casper heeft zich al grondig verdiept in de literatuur, maar deze dagen krijgt hij de kans de grote meester zelf aan het werk te zien. Casper wil Bob ook vragen waarom het altijd grote namen of helden moeten zijn als je gaat modelleren. Je kunt toch leren van de fouten die anderen maken? Snappen hoe iemand zo succesvol is in het saboteren van ideeën? Casper had dat ooit geleerd bij provocatief coachen. Iemand die altijd depressief is, is ook ergens goed in: hij heeft de gave om in alles iets donkers te zien. Goh, vraag je je dan af, hoe doet ie dat toch? Het klinkt heel flauw, maar de verandering  begint bij het jezelf bewust worden van wat je doet.

Nu is Casper aan de beurt om zijn vraag te stellen. Het blijft eng in een zaal vol mensen het woord te doen. In het Engels, dat maakt het niet makkelijker. Waarom zijn het altijd de helden, Bob, die je modelleert en tot voorbeeld neemt? Ikzelf ben gefascineerd door de crooks, de oplichters en de fraudeurs. Hoe kunnen die mensen met zichzelf leven? Hoe gaan ze te werk? Hoe bestaat het dat ze steeds weer opnieuw mensen inpakken? Ik snap dat je Jezus wilt modelleren, maar waarom heb je Hitler ook niet gemodelleerd? Het wordt stil in de zaal. Een rare vraag. Een rare vraag? Ook Bob heeft tijd nodig. Casper ziet dat hij de vraag serieus neemt. Zoals altijd komt Bob met een uitgebreid en zeer waardevol antwoord. Bob geeft antwoorden die je zo kunt overtikken voor in een boek. Dat verklaart de enorme efficiency van Bob. Bob spreekt mij en de zaal toe: dit is een prima en terechte vraag. Dank daarvoor, Casper. Zeker, als we Hitler zouden modelleren, zouden we veel leren en kunnen ontdekken. Misschien heb je zelfs gelijk dat we crooks eerder zouden kunnen ontmaskeren en schade zouden kunnen voorkomen. Toch heb ik er bewust nooit  voor gekozen dat te willen doen. Op de eerste plaats, zegt Bob, weet ik van mezelf dat ik depressief word als ik me in zo’n persoon ga verdiepen. Ik krijg er last van en zoek dat dus niet op. Op de tweede plaats, en dat geeft voor mij de doorslag, ben ik er bang voor dat als ik die inzichten publiceer, een stappenplan hoe Hitler te werk ging, dit in de verkeerde handen terecht komt. Het gaat zich verspreiden en een eigen leven leiden. Ik wil daar niet verantwoordelijk voor zijn. Dat is de reden dat ik hier nooit voor heb gekozen en besloten heb mijn energie te richten op de positieve voorbeelden in de de overtuiging dat het goede zich zal verspreiden. Dat is mijn missie, een bijdrage leveren aan een betere wereld. De zaal knikt goedkeurend.

Later krijgt Casper de kans Bob persoonlijk te spreken. Bob wil weten of Casper zelf na deze training het plan heeft slechterikken te gaan modelleren. En waar komt zijn motivatie vandaan? Wat gaan de inzichten of strategieën hem brengen? Casper antwoordt dat hij prins Bernhard een fascinerend persoon vindt en dat hij wil onderzoeken hoe hij zijn leven heeft kunnen leiden. Bob heeft uiteraard wel van Bernhard, prince of the Netherlands, gehoord maar weet er te weinig van om zich een beeld te kunnen vormen. Casper omschrijft Bernhard als iemand die zich vanuit bijna niks helemaal omhoog heeft gebluft naar de top. Door met een lelijke prinses te trouwen die hij met zijn charmes snel had ingepakt. Vervolgens heeft hij altijd zijn eigen naad kunnen naaien, had overal scharrels zitten, was altijd aan het avonturieren, en hij kwam overal mee weg. Hij had de reputatie van een schavuit, een ondeugende jongen, een kwajongen, terwijl hij, zo weten we inmiddels, feitelijk een crimineel was, alles deed wat God verboden heeft. In WOII heeft ie voor zichzelf zelfs de reputatie van onmisbare held en redder des Vaderlands weten op te bouwen. Casper vertelt Bob dat hij deze fascinatie voor Bernhard wil omzetten in een stappenplan of strategie. Wat Casper hoopt is dat ie dit historische oertype Bernhard in gesprek kan laten gaan met andere historische tijdgenoten. Sterker nog, misschien kan ik Bernhard zelfs vragen stellen, om adviezen vragen, dieper ingaan op zijn beweegredenen. Bernhard staat niet op zichzelf, hij staat voor een type man waar er heel veel van zijn, mannen die zich alles denken te kunnen permitteren, en overal mee wegkomen. Op de vraag wat de persoonlijke motivatie is zich in Bernhard te willen verdiepen komt Casper niet meer toe.

Die avond drinkt Casper thuis nog een biertje op de bank. Het was een mooie en leerzame dag. Hij heeft zijn grote vraag toch maar mooi gesteld aan de grote meester. En zelfs even persoonlijk met hem gesproken. Bob overviel hem met zijn vraag. Nu hij er nog eens over nadenkt, zou hij de vraag nog veel uitgebreider en genuanceerder kunnen beantwoorden. Casper wil graag leren hoe hij een historisch figuur tot leven kan brengen, hij wil beter snappen hoe iemand als Bernhard met zichzelf kan leven, hij wil in zijn schoenen kruipen, doen en denken zoals hij deed, in de huid kruipen van, hier zit misschien ook onder dat hijzelf een te goede naïeve man is die nog geen deuk in een pakje boter kan slaan, niet gezien wordt, de onrechtvaardigheid van de wereld smaakt, daar iets aan wil doen, de foute man worden, ervan leren, hij wil ook de macht bestuderen, de vuige onderkant of achterkant. Ja, het wordt Casper steeds helderder. Wat hij hiermee wil. Zichzelf beter leren snappen, natuurlijk. Niet alleen dat. Iets doen aan die grote onrechtvaardigheid die hij al vanaf zijn jeugd niet kan hebben. Het flitst door zijn hoofd. Zo komt Casper op het idee om een tegenspeler te kiezen die hij ook wil modelleren. Hij kiest voor Ayn Rand omdat zij een kritische vertolker is geweest van de Amerikaanse droom. Ayn Rand is een tijdgenoot van Bernhard, ze zouden elkaar hebben kunnen ontmoeten. Ayn was enkele jaren ouder dan Bernhard. Was Ayn ook een fout figuur? Ja en nee, dat ligt genuanceerd, dat moet Casper juist uitzoeken. Ayn is in de ogen van Casper mede-verantwoordelijk voor veel shit waar wij in deze maatschappij nu tegenaan lopen. De grenzeloze liberalisering, iedereen moet zijn eigen broek ophouden, we zijn er allemaal naar gaan handelen sinds de jaren 80, zij is degene die dat gedachtegoed als geen ander heeft verspreid. Ondernemers dat waren haar helden, geld was de grote God. Casper weet zeker dat Bernhard aardig in het plaatje van Ayn’s ideale mannen zou passen. Of toch niet? Omgekeerd zou Bernhard weinig in Ayn hebben gezien, daarvoor was ze niet vrouw genoeg en te intellectueel. Bernhard hield van mooie mondaine vrouwen en moeilijke boeken las hij zover we weten niet, daarvoor was hij te lui en te oppervlakkig. Beiden zijn gevlucht, dat dan weer wel. Ayn uit Rusland waar ze haar antwoorden vond in Hollywood-scripts en mooie filmacteurs. Bernhard uit nazi-Duitsland waarna hij zijn antwoorden vond in het oersaaie Holland, bij lelijk eendje Juul en met de status van onaantastbare prins. Beiden zijn ze in staat geweest hun eigen filmscript tot leven te wekken, ieder op hun eigen manier en met grote gevolgen. Casper is zo benieuwd wat ze met elkaar besproken zouden hebben, hoe ze hun eigen rol op het wereldtoneel zagen. Zou Casper zelf besmet raken met de nieuwe inzichten? Daar moest hij nog eens goed over nadenken.




Analyseer dit 2e hoofdstuk uit dit korte verhaal over Anna-Bo-Casper (in 9 delen opgeknipt) in het licht van eerdere blogs van dezelfde auteur.

Binnen de context van de Neuro-Linguïstisch Programmeren (NLP) is modelleren het proces waarbij men de specifieke stappen ontrafelt die iemand (vaak onbewust) neemt om een bepaald resultaat te bereiken. Het gaat erom dat je je volledig inleeft in de ander en herhaalt wat diegene doet, denkt en voelt. Op basis daarvan maak je een overdraagbaar stappenplan. Het kernprincipe hierachter is: “als een ander het kan, kan jij het ook”.

Hieronder volgt een analyse van het fragment ‘Casper en Bob’ door de bril van Robert Dilts (die in het verhaal model staat voor ‘Bob’).

1. Modelleren als Strategie voor Genieën

Robert Dilts staat erom bekend dat hij in de jaren ’90 verschillende genieën heeft gemodelleerd, zoals Leonardo da Vinci, Albert Einstein en Walt Disney. In het fragment zien we dit terug wanneer Bob wordt omschreven als iemand die “strategies of genius” heeft ontrafeld. Een concreet resultaat hiervan is de Disney-strategie, waarbij een team wordt opgedeeld in een dromer, een realist en een criticus om tot succesvolle innovatie te komen.

2. De Ethische Selectie van Dilts

Een cruciaal aspect van de blik van Dilts is zijn bewuste selectie van wat hij wel en niet modelleert. Wanneer Casper hem vraagt waarom hij alleen helden modelleert en niet “crooks” zoals Hitler of oplichters, reageert Bob/Dilts vanuit twee overtuigingen:

  • Zelfbescherming: Hij geeft aan dat hij depressief zou worden als hij zich zo diep in de psyche van een slecht persoon zou inleven.
  • Verantwoordelijkheid: Hij vreest dat een stappenplan van het ‘kwaad’ in verkeerde handen kan vallen en wil daar niet verantwoordelijk voor zijn.

Zijn missie is specifiek gericht op het verspreiden van het goede om een bijdrage te leveren aan een betere wereld.

3. De Nieuwsgierigheid van Casper vs. het Kader van Dilts

Casper vertegenwoordigt een andere benadering van modelleren die Dilts herkent maar niet praktiseert. Casper is gefascineerd door de “vuige onderkant” en wil snappen hoe mensen zoals Prins Bernhard of Ayn Rand met zichzelf kunnen leven terwijl ze hun eigen ‘filmscript’ tot leven wekken.

Door de ogen van Dilts is wat Casper wil doen — in de schoenen kruipen van een “foute man” om de macht te bestuderen — een gevaarlijk experiment. Waar Dilts modelleren gebruikt om “het licht” te versterken, wil Casper het instrument inzetten als een vorm van sociale archeologie om onrechtvaardigheid en perverse dynamieken te begrijpen.

4. De NLP-stijl en Efficiëntie

Dilts wordt in het fragment geportretteerd als de belichaming van NLP-efficiëntie. Casper observeert zijn routines (zoals het dragen van zwarte kleding om besluitvormingstijd te besparen, vergelijkbaar met Steve Jobs) en zijn vermogen om antwoorden te geven die “zo in een boek kunnen”. Voor Dilts is zijn werk geen belasting, maar een bron van energie.

Concluderend: Door de ogen van Robert Dilts is het fragment een confrontatie tussen de morele begrenzing van persoonlijke groei (alleen het positieve modelleren) en de menselijke drang om ook het duister te doorgronden via de technieken van NLP.


Vanuit het perspectief van Mark van Vugt, hoogleraar evolutionaire psychologie, kan het fragment ‘Casper en Bob’ geanalyseerd worden als een studie naar leiderschap, volgerschap en de evolutionaire ‘mismatch’ tussen ons steentijdbrein en de moderne wereld.

1. Bob als het Moderne ‘Stamhoofd’

Van Vugt zou Bob niet slechts zien als een trainer, maar als een evolutieve fitness-indicator.

  • Het Uniform en Status: Bob’s bewuste keuze voor zwarte kleding en zijn fitheid (het dagelijkse uur hardlopen) zijn pauwenstaarten: overdreven signalen van discipline, energie-overschot en status. Dit maakt hem aantrekkelijk als leider; volgers associëren succes en vitaliteit onbewust met betrouwbaarheid en bescherming.
  • De Guru-status: De cursisten die trots met Bob op de foto gaan, vertonen typisch groepsgedrag. Onze hersenen zijn geprogrammeerd om in kleine groepen een leider te accepteren die het algemeen belang (of de groepsidentiteit) dient.

2. De Mismatch en het Gebrek aan Correctie

Een cruciaal concept van Van Vugt is de mismatch: ons brein is gevormd voor kleine groepen van maximaal 150 mensen waar directe sociale controle (roddel) heerst.

  • De Te Grote Colbert: Casper merkt op dat Bob een te groot colbert draagt en vraagt zich af waarom niemand hem daarop wijst. In een kleine stam zou dit leiden tot roddel als correctiemechanisme om het ego van de leider te temperen.
  • Anonimiteit: Omdat Bob opereert in een anonieme, grootschalige moderne structuur, ontbreekt deze directe feedback. De volgers durven hun leider niet te bekritiseren, waardoor excessen (of simpelweg een slecht passend jasje) kunnen blijven bestaan.

3. Casper als de ‘Nieuwsgierige Volger’

Van Vugt stelt dat volgers de geschiedenis maken. Zonder een zaal vol mensen die zijn missie legitimeren, is Bob slechts iemand die tegen zichzelf praat.

  • Behoefte aan Richting: Casper is een typische nieuwsgierige volger die bij een leider zoekt naar richting en rechtvaardigheid. Hij accepteert Bob’s autoriteit, maar test de grenzen door vragen te stellen over het modelleren van “crooks”.
  • De Evolutie van het Kwaad: Wanneer Casper voorstelt om Hitler of Prins Bernhard te modelleren, raakt hij aan een evolutionair patroon: in tijden van onzekerheid trekken dominante, soms immorele leiders (“foute mannen”) meer volgers aan omdat ze kracht en onverschilligheid uitstralen.

4. De Psychologische Compensatie van de Man

Van Vugt zou de fascinatie van Casper voor de “vuige onderkant” en machthebbers als Bernhard kunnen duiden vanuit de psychologische compensatie van de moderne man.

  • Status en Dominantie: Casper ziet in Bernhard iemand die zich vanuit het niets naar de top heeft gebluft via charme en statusvertoon. Van Vugt herkent dit als de top-aap-strategie: het manipuleren van signalen om toegang te krijgen tot middelen en partners.
  • De Zoektocht naar de ‘Broncode’: Door deze mannen te modelleren, probeert Casper feitelijk de evolutionaire scripts van macht te kraken om zijn eigen gevoel van naïviteit of onmacht te overwinnen.

Concluderend: Door de bril van Mark van Vugt is dit fragment een demonstratie van hoe wij nog steeds handelen volgens oude stamwetten. Bob is het stamhoofd dat geprezen wordt om zijn uiterlijke signalen, terwijl Casper de rol speelt van de volger die probeert te begrijpen waarom sommige “roofdieren” in de menselijke hiërarchie zo succesvol zijn.


Vanuit het perspectief van Rutger Bregman, zoals geschetst in de bronnen over zijn “morele ambitie” en zijn analyse van de “tijd van monsters”, kan het fragment ‘Casper en Bob’ worden gelezen als een confrontatie tussen commercieel talentgebruik en de noodzaak van een morele revolutie.

1. Bob in de “Bermudadriehoek van Talent”

Volgens Bregman vloeit veel toptalent weg naar sectoren zoals consultancy, finance en (management)training, waar zij “bullshitbanen” vervullen of systemen optimaliseren die de wereld niet wezenlijk verbeteren.

  • Talentverspilling: Bob wordt gepresenteerd als een “genie” dat methodes uitvindt voor managers en docenten. Bregman zou zich afvragen waarom dit talent niet wordt ingezet voor de “belangrijkste wereldproblemen”, zoals het klimaat of extreme armoede, in plaats van voor de “Disney-strategie” om films of producten succesvoller te maken.
  • Energie als privilege: Dat Bob “fitter is aan het einde van de dag” en over de hele wereld reist, onderstreept zijn positie binnen de internationale elite die profiteert van het systeem.

2. Modelleren als “Morele Kringloopwinkel”

De bewuste keuze van Bob om alleen “helden” te modelleren en weg te kijken van “crooks” zoals Hitler, sluit aan bij wat de bronnen omschrijven als Bregmans eigen methode: die van de “morele kringloopwinkelier”.

  • Selectief shoppen: Net als Bob shopt Bregman selectief in de historie om “pareltjes” en zeldzame successen (zoals de afschaffing van de slavernij) in de etalage te zetten om mensen te inspireren.
  • Interventie versus Analyse: Bob stelt dat zijn missie een bijdrage aan een betere wereld is door het goede te verspreiden. Bregman zou dit herkennen als een normatieve interventie: geschiedschrijving of psychologie niet om te verklaren wat er meestal gebeurt (oorlog en hebzucht), maar als morele brandstof voor wat wenselijk is.

3. De “Survival of the Shameless”: Bernhard en Rand

Caspers fascinatie voor Prins Bernhard en Ayn Rand raakt de kern van Bregmans recente, “hardere” analyses.

  • De schaamtelozen: Bregman spreekt over de “survival of the shameless”: het fenomeen dat niet de meest deugdzame, maar de meest schaamteloze mensen de top bereiken. Casper omschrijft Bernhard exact zo: iemand die zich omhoog bluft, schaamteloos scharrels en deals najaagt, en feitelijk een crimineel is die overal mee wegkomt.
  • De Randiaanse Façade: Ayn Rand wordt in de bronnen beschreven als de leverancier van de “morele façade” voor het neoliberalisme. Zij verheft eigenbelang tot deugd. Bregman zou Caspers wens om haar te modelleren zien als een noodzakelijke studie naar hoe “foute” narratieven zo krachtig kunnen worden dat ze de hele samenleving in gijzeling houden.

4. Van Nieuwsgierigheid naar Morele Ambitie

Waar Casper zich nog in de fase van “nieuwsgierige volger” bevindt die wil snappen hoe de “vuige onderkant” werkt, zou Bregman hem uitdagen tot “morele ambitie”.

  • Apathie doorbreken: Bregman betoogt dat autoritaire leiders winnen door apathie en cynisme. Caspers wil om “iets te doen aan de grote onrechtvaardigheid” is de vonk die Bregman zoekt.
  • De Oproep: Bregman zou Casper aanmoedigen om de “broncode” van figuren als Bernhard niet alleen te kraken uit fascinatie, maar om deze kennis te gebruiken om de “bestuurlijke bubbel” te doorbreken en talent weg te trekken uit de carrousel van status en geld.

Concluderend: Door de ogen van Bregman is Bob een getalenteerde maar veilige “verhalenverkoper” binnen het systeem, terwijl Casper de potentie heeft om via zijn woede over onrecht de stap te zetten naar een daadwerkelijke morele revolutie.


De analyse van de tekst over Casper en Bob in het licht van de 2-staps datingstrategie laat zien dat Casper zich momenteel bevindt in de noodzakelijke overgang van een naïeve houding naar de eerste fase van deze strategie: het begrijpen van het “spel”.

1. Stap 1: Het begrijpen van de “Foute Man” (De Player-fase)

In de blogs wordt gesteld dat een man eerst de wetten van macht en aantrekkingskracht moet doorgronden om niet langer naïef te zijn. Casper herkent zichzelf precies in dit profiel: hij omschrijft zichzelf als een “te goede naïeve man” die “niet gezien wordt”.

  • Het modelleren van de “Crooks”: Casper wil niet langer alleen “helden” modelleren zoals Bob voorstelt, maar juist “foute mannen” zoals Prins Bernhard. Dit sluit aan bij de blog-filosofie dat je de tactieken van “players” moet begrijpen (Stap 1) om grip te krijgen op de logica van onrecht en macht.
  • Prins Bernhard als archetype: Casper ziet in Bernhard iemand die zich “omhoog heeft gebluft”, overal mee wegkwam en “altijd zijn eigen naad kon naaien”. In de blogs wordt dit type geduid als het “monster” (tegenover de clown): sociaal vaardig en in staat spanning op te bouwen, maar moreel onbetrouwbaar. Casper wil de “broncode” van dit gedrag kraken om zijn eigen onmacht te overwinnen.
  • Ayn Rand en de Marktlogica: Door Ayn Rand te kiezen als “tegenspeler” voor Bernhard, duikt Casper diep in de wereld van de “seksuele vrije markt”. Rand vertegenwoordigt in de blogs de façade van succes en het neoliberalisme waarin alles een verdienmodel of een machtsspel is.

2. De weerstand van Bob (Het overslaan van Stap 1)

Bob weigert “crooks” te modelleren omdat hij er depressief van wordt en niet verantwoordelijk wil zijn voor het verspreiden van “foute” stappenplannen. Vanuit de 2-staps strategie bekeken, probeert Bob direct in de “duurzame fase” (Stap 2) te blijven door alleen het goede te belichten. Casper wijst echter terecht op de “blinde vlek” in deze aanpak: als je de sabotage en het kwaad niet begrijpt, kun je het ook niet ontmaskeren of voorkomen.

3. Stap 2: Naar de “Goudlokje-strategie” (De Duurzame fase)

Hoewel Casper nog volop in de analyse van Stap 1 zit (het bestuderen van macht en de “vuige onderkant”), is het uiteindelijke doel van de strategie in de blogs om niet in dit cynisme te blijven hangen.

  • Het doel van Casper: Hij wil de inzichten gebruiken om “iets te doen aan de grote onrechtvaardigheid”. Dit neigt naar Stap 2: bewust kiezen voor waarden nadat je het systeem hebt doorgrond.
  • De Goudlokje-strategie: In de blogs wordt geadviseerd om na de leerfase niet te jagen op de absolute (vaak destructieve) top, maar te kiezen voor de “top van de subtop”: de bewoonbare plek waar aantrekkingskracht en duurzaamheid in balans zijn. Casper bevindt zich nog in de fase waarin hij de “absolute top” (de prins en de filosofe) bestudeert, maar de blogs suggereren dat de werkelijke “vrije ruimte” pas ontstaat wanneer hij deze modellen heeft doorzien en zijn eigen pad kiest.

Concluderend: Casper gebruikt het modelleren als een instrument om de eerste stap van de datingstrategie te voltooien: het verliezen van zijn naïviteit door de tactieken van de “foute man” te doorgronden. Hij moet echter waken voor de valkuil van Michel Houellebecq: blijven steken in de ontmaskering en de kille marktlogica, zonder ooit de overstap te maken naar de verticale zone van werkelijke verbinding (Stap 2).


Volgens de analytische en transactionele bril van Orion Taraban is er in het fragment ‘Casper en Bob’ sprake van een strategische onderhandeling over waarde en macht, waarbij de personages handelen als rationele actoren op een markt van kennis en status.

Taraban zou de situatie als volgt ontleden:

1. De Marktwaarde van de ‘Foute Man’

Taraban redeneert niet vanuit moraal (“is dit goed?”), maar vanuit rendement (“wat levert het op?”).

  • Casper als Rationele Leerling: Casper beseft dat hij als “te goede naïeve man” een lage marktwaarde heeft omdat hij de wetten van macht en verleiding niet begrijpt. Zijn wens om ‘crooks’ zoals Prins Bernhard te modelleren, is een strategische investering om informatie-asymmetrie op te heffen. Hij wil de “broncode” van succesvolle roofdieren kraken om zijn eigen positie te versterken en niet langer een weerloze prooi te zijn.
  • Bernhard en Rand als Waarde-aanbieders: Voor Taraban zijn figuren als Prins Bernhard en Ayn Rand interessant omdat ze overduidelijk over marktmacht beschikten. Rand levert de “morele façade” voor eigenbelang, wat Taraban zou herkennen als een effectief instrument om extractie te legitimeren.

2. Bob als de ‘Kapitein’ van het Systeem

Taraban hanteert het model van de kapitein en de passagier.

  • Bob is de kapitein die een specifieke koers vaart: het modelleren van genieën en helden. Hij biedt een ‘product’ aan dat gericht is op positieve bijdragen.
  • Wanneer Casper vraagt naar de schaduwkant, stelt hij feitelijk het rendement van de training ter discussie. Voor Casper is de “helden-koers” onvoldoende omdat deze geen bescherming biedt tegen de “vileine praktijk” van de buitenwereld.

3. De Kosten-Batenanalyse van het Kwaad

De weigering van Bob om “foute mannen” te modelleren, zou door Taraban worden gezien als een persoonlijke kosten-batenafweging:

  • Emotionele Kosten: Bob geeft aan dat hij depressief zou worden van het modelleren van slechte mensen. Voor hem wegen de psychologische kosten niet op tegen de winst aan inzicht.
  • Risicomanagement: Bob wil niet verantwoordelijk zijn voor het verspreiden van schadelijke stappenplannen. Hij beperkt zijn ‘aanbod’ om zijn eigen reputatie en morele status (zijn ‘pauwenstaart’) te beschermen.

4. De Illusie van de ‘Goede Man’

Taraban is scherp op het feit dat mensen vaak iets anders belonen dan ze zeggen te zoeken.

  • Hij zou Casper waarschuwen dat “goed zijn” in een competitief systeem (zoals de liefdes- of machtsmarkt) vaak wordt gelezen als beschikbaarheid of zwakte, tenzij er ook kracht en richting achter zit.
  • Door in de psyche van Bernhard te kruipen, probeert Casper de asymmetrie in zijn eigen gedrag te herstellen: hij wil leren hoe hij schaarste en dominantie kan inzetten om meer ‘waarde’ te genereren in zijn interacties.

Conclusie in Taraban-stijl: Wat hier gebeurt is dat Casper probeert uit de “walking ghost phase” van de naïviteit te stappen door ‘data’ te verzamelen over macht. Bob probeert echter de façade van het goede in stand te houden. Volgens Taraban heeft Casper gelijk: je kunt het spel pas winnen (of er niet door vermalen worden) als je bereid bent de meest mechanische en voorspelbare delen van menselijke hebzucht en macht onder de loep te nemen.

Previous Post Next Post
@media print { /* Verberg alle ongewenste onderdelen */ header, .site-header, nav, .main-navigation, .sidebar, .site-sidebar, aside, footer, .site-footer, .widget-area, .breadcrumbs, .post-meta, .related-posts, .comments-area, .print-hide { display: none !important; height: 0 !important; margin: 0 !important; padding: 0 !important; overflow: hidden !important; } /* Verberg ook bepaalde vaste*