588 Ticketmaster: geen rovers zonder fans
Ik heb het zelf ook mogen meemaken: met meerdere laptops klaar zitten om een kaartje voor een concert te bemachtigen. Uiteraard lukt het niet, we kwamen in een wachtrij (geen idee hoe dat werkte, was het echt een wachtrij op volgorde of werd er een willekeurige wachter steeds opnieuw uitgetrokken?), na enkele minuten was de boel uitverkocht, maar als we nog een half uur bleven wachten was er wellicht nog een kans alsnog een ticket te bemachtigen. NOT
Wat is hier aan de hand? Een enorme prijs (ik meen dat het ging om €400 per ticket, maximaal 4 tickets per aanvrager, dus of ik in het geval van de winnende loterij ook even €1.600 kon voorschieten …..) en dan zo snel weg. Als ouderwetse econoom zeg je dan uiteraard, grijze plaat, dat het kaartje te goedkoop is, verdubbel de prijs en kijk of het dan beter werkt. Maar gelukkig trof ik deze klaagzang van herkenning aan op (wederom) Substack. Laat ik er zelf weer eens een samenvatting in eigen woorden geven:
Het begint bij een artiest (in dit voorbeeld). Die wil haar fans niet tekort doen en vind €40 een mooie prijs voor haar optreden. Vervolgens is het in no-time uitverkocht via een of ander protocol en worden diezelfde tickets daarna opnieuw aangeboden op allerlei platforms. Voor bedragen die een veelvoud zijn van die €40. Hoe zijn de inkomsten uiteindelijk verdeeld (ik verzin de bedragen nu even zelf, gaat om het idee): de artiest krijgt zeg €8.000, de swap-organisatie verdient aan de bemiddeling (zeg €4.000) en de ‘verborgen opkopers’ verdienen zeg €30.000. Uiteindelijk betalen diezelfde zielige fans dus gewoon het volle pond maar gaat de poet naar schimmige opkopers. Wat ik niet wist: je maakt als domme wachtende fan geen schijn van kans, er is een leger aan geprogrammeerde bots die voor je neus de tickets opkoopt. Omdat dit tot veel ophef leidt (begrijp ik uit artikel) zijn er regels bedacht die deze ‘optimale extractie van fans’ moeten voorkomen, en, je raadt het al, die regels werken niet echt.
De teneur van het artikel is, begrijpelijk, dat de ‘opkoop-partijen’ rovers zijn die een eerlijke concertpraktijk in de weg staan. Ja, het zijn ook niet mijn vrienden, maar zoals ik al vaker beweerd heb, dit is het systeem waar we voor gekozen hebben en het is helemaal volgens de verfoeide economie-boekjes. Er valt wat te halen, alle intellect en boerenverstand stroomt die kant in en verdomd we hebben weer een verdienmodel. Daarna komt de ophef (zeker hier want dit is een sympathiek en herkenbaar onderwerp, maar hetzelfde principe vindt ook op veel zwaardere thema’s plaats) en dus begint het gebakkelei over regels en pleisters plekken. Daarna weer ophef dat het niet werkt.
Toen ik dat even liet bezinken: wat is nu het probleem? Niet dat er zoveel rovers zijn natuurlijk, eerder dat we gekozen hebben dat de kern van onze maatschappij te maken. Maar die kant wil ik nu niet op. Het begint natuurlijk, zo bedacht ik me, waarom zoveel mensen per se naar dat ene concert willen gaan. We houden van helden, we zijn graag volgers, we willen er zelf bij zijn, niet zozeer om de inhoud maar om het evenement zelf. Als we iets meer moeite zouden doen om een van de zoveel andere goede artiesten te verblijden (onze eigen keuzes zouden maken) dan is het snel afgelopen. Oftewel: zonder kuddegedrag geen rovers.
PS ja het is weer een AI-riedel die volgt, en sorry zelf kan ik die analyse of samenvatting niet beter formuleren, dat kan mijn zwakte zijn of mijn kracht. Enerzijds wordt mijn rode lijn steeds duidelijker. Het is niet ‘wie is de boef’, want dat is te simpel en te naïef, het is steeds een complexe dynamiek waar we onbewust in gevangen zitten. Het is steeds een systemische analyse (sorry voor dat vervelende woord) waarin ieder voor zich rationeel gedrag vertoont maar de optelsom funest is. Een issue dat in allerlei gedaantes terug komt en beter begrepen kan worden vanuit stakeholders-analyse en herkenning van terugkerende patronen. Interventies zijn alleen effectief als ze juist in die dynamiek ingrijpen, lapmiddelen werken niet. Fatbikes verbieden? Haha, dan maken ze toch een andere fiets met een dunnere band. Het is allemaal zo voorspelbaar, zo reflexmatig. Aan de andere kant, zolang ik er weinig over terug lees op andere plekken, blijf ik hier lekker op dit thema zitten. En ja, ik weet ook wel dat het niks uithaalt, maar wat ik ook al vaker heb gezegd, zolang het mezelf niet gaat vervelen, ik er van kan leren, blijf ik dit doen, ook ik heb recht op mijn eigen grijze plaat. Het terugkerende patroon heet: optimale extractie met rationale en voorspelbare uitkomsten.
Je mist een rare fixatie op helden en mensen die elkaar achterna lopen. Spreek gewoon met je clubje af dat je artiesten die nog niet bekend zijn gaat ontdekken, evenveel fun zou ik zeggen. Dus leg het accent ook op de andere kant: kritiekloos anderen volgen, een beperkte groep artiesten adoreren, niet willen onderdoen in smaak voor je vrienden en wat je leest. Ja, dan is ons systeem zo verdorven dat dat wordt uitgebuit, dat heet optimale extractie, willoze tieners of fans uitkleden zolang dat kan.
Maak eens een stakeholders-analyse vanuit systeemperspectief. Welke partijen met welke belangen doen hier mee en hoe interacteren ze op een rationele manier en komen ze terecht in een patstelling waarin ze elkaar vasthouden. Niet naïef doen en klagen, maar het hele systeem ter discussie stellen en interventies bedenken die op dat systeem ingrijpen.
Dan moet je weg uit het morele verhaal van “slechte scalpers” of “gemene Ticketmaster” en kijken naar het geheel als een extractiesysteem rond schaarse aandacht. Niet één partij is het probleem. Het probleem is dat bijna alle betrokkenen, elk op hun eigen manier, rationeel handelen binnen een structuur die schaarste, status en gemak omzet in geld. Juist daardoor ontstaat een patstelling.
1. Waar draait dit systeem in de kern om?
De kern is niet muziek, maar toegang tot schaarse culturele aandacht. Een concertkaartje is namelijk tegelijk:
- een gebruiksgoed: je ziet een artiest optreden;
- een schaarstegoed: er zijn minder plekken dan gegadigden;
- een statusgoed: “ik was erbij”;
- een speculatieobject: doorverkopen met winst;
- een databron: fanprofielen, koopgedrag, prijsgevoeligheid;
- een platformgoed: verkeer, fees, marktmacht.
Daardoor zit je niet in een gewone markt, maar in een meervoudig verdienmodel waarin verschillende partijen op verschillende momenten waarde afromen.
2. De stakeholders en hun rationele belangen
1. Artiesten
Belangen
- volle zalen;
- loyale fans;
- goed imago;
- hoge inkomsten;
- controle over prijs, data en fanrelatie.
Rationeel gedrag
Artiesten willen meestal niet de volle marktprijs vragen, ook al zouden ze dat kunnen. Waarom niet? Omdat ze dan het risico lopen gezien te worden als graaiers. Dus zetten ze de prijs vaak lager dan de echte marktvraag. Dat voelt sympathiek, maar creëert direct arbitrage: iemand anders kan het verschil opstrijken.
Interactie
- afhankelijk van promotors, zalen en ticketingplatforms;
- bang voor reputatieschade bij harde prijszetting;
- profiteren soms indirect van hype en schaarste, ook als ze publiekelijk klagen.
Dubbele positie
Ze zijn tegelijk slachtoffer én medespeler. Ze verliezen secundaire opbrengst, maar profiteren wel van aura, uitverkochte zalen en sociale buzz.
2. Fans / consumenten
Belangen
- betaalbare tickets;
- eerlijke toegang;
- geen stress, geen bots;
- erbij horen;
- status, beleving, culturele aansluiting.
Rationeel gedrag
Fans willen lage prijzen én toegang tot de populairste artiesten. Ze verzetten zich tegen hoge face value, maar betalen vaak alsnog veel op de secundaire markt. Ze houden dus moreel vast aan “redelijke prijzen”, terwijl ze praktisch meedoen aan een veel hogere marktprijs.
Interactie
- concurreren met elkaar;
- versterken hype onderling;
- accepteren het systeem zolang de kans bestaat dat zij er een keer wél doorheen komen;
- legitimeren prijsopdrijving via FOMO, status en groepsdruk.
Dubbele positie
Ze zijn uitgebuit, maar ook mededrager van de schaarstelogica.
3. Ticketplatforms
Belangen
- maximale transactiestroom;
- fee-inkomsten;
- controle over de infrastructuur;
- data-eigendom;
- binding van organisatoren en zalen;
- liefst ook een stuk van de secondary market.
Rationeel gedrag
Een platform verdient niet primair aan tevredenheid, maar aan volume, afhankelijkheid en frictie die geld oplevert. Elke wachtrij, fee, resale en premium upgrade is potentieel omzet. Vanuit platformlogica is een wereld zonder doorverkoop en chaos vaak juist minder lucratief.
Interactie
- onmisbare infrastructuur voor organisatoren;
- profiteren van netwerkeffecten;
- versterken marktmacht via exclusieve contracten, software en data.
Dubbele positie
Ze presenteren zich als neutrale bemiddelaar, maar zijn in feite mede-architect van de markt.
4. Scalpers / opkopers / botnetwerken
Belangen
- informatievoorsprong;
- snelheid;
- toegang tot voorraad;
- minimale regulering;
- maximale prijsvolatiliteit.
Rationeel gedrag
Zij doen precies wat de structuur mogelijk maakt: goedkoop kopen waar onderprijsd wordt aangeboden, duur verkopen waar vraag piekt. Vanuit hun perspectief corrigeren zij een kunstmatig lage prijs. Vanuit maatschappelijk perspectief onttrekken zij waarde zonder iets toe te voegen.
Interactie
- leven van het verschil tussen moreel gewenste prijs en werkelijke marktprijs;
- voeden afhankelijkheid van secondary markets;
- maken het primaire verkoopmoment onbetrouwbaar.
Dubbele positie
Ze zijn parasitair, maar niet irrationeel. Ze zijn een symptoom van een prijs- en allocatiesysteem dat gaten laat.
5. Zalen / festivals / promotors
Belangen
- volle capaciteit;
- voorspelbare opbrengsten;
- weinig operationeel gedoe;
- sterke artiestenprogrammering;
- sponsorwaarde;
- drankomzet, food, merch, hospitality.
Rationeel gedrag
Zij willen niet per se maximale ticketprijs, maar optimale totaalopbrengst. Een “uitverkocht” evenement is ook marketing. Lage of middellage ticketprijzen kunnen strategisch nuttig zijn als mensen dan meer uitgeven aan drank, VIP, reizen, overnachting en volgende events.
Interactie
- afhankelijk van grote ticketingpartners;
- willen populaire artiesten binnenhalen;
- hebben belang bij hype, minder bij perfecte eerlijkheid.
Dubbele positie
Ze kunnen klagen over resale, maar profiteren indirect van schaarste en populariteit.
6. Managers, labels, entourage
Belangen
- omzetgroei;
- merkopbouw artiest;
- fanactivatie;
- onderhandelingsmacht;
- maximale tourwaarde.
Rationeel gedrag
Ze willen de kunstenaar beschermen, maar ook exploiteren. Te lage ticketprijzen laten geld liggen, te hoge prijzen schaden het merk. Dus sturen ze vaak op gecontroleerde schaarste, premium lagen, fanclubs, presales, dynamische prijszetting en segmentatie.
Interactie
- bemiddelen tussen commerciële rationaliteit en imago;
- stimuleren soms schaarste als brandinginstrument.
7. Overheid / toezichthouders
Belangen
- consumentenbescherming;
- marktwerking;
- juridische handhaafbaarheid;
- politieke rust;
- niet te veel gedoe met machtige lobby’s.
Rationeel gedrag
De overheid grijpt liever beperkt in dan fundamenteel. Waarom? Omdat een structurele ingreep moeilijk, technisch complex en politiek kostbaar is. Dus krijg je halve maatregelen: wat transparantie, wat antitrust, wat boetes, wat anti-botwetgeving.
Interactie
- loopt achter op technologie;
- wordt geconfronteerd met lobbykracht;
- kiest vaak voor symbolische correcties boven systeemverandering.
Dubbele positie
Ze moeten optreden, maar hebben zelf weinig prikkel om het model fundamenteel open te breken.
8. Media / influencers / sociale omgeving
Belangen
- aandacht;
- hype;
- verhalen;
- ranking, trending, exclusiviteit.
Rationeel gedrag
Media en sociale media versterken concentratie van aandacht op een kleine bovenlaag van artiesten. Daardoor nemen schaarste en symbolische waarde toe. Iedereen praat over dezelfde shows, dus wil iedereen juist daarheen.
Interactie
- maken van concerten sociale gebeurtenissen;
- vergroten FOMO;
- versterken winner-takes-most-dynamiek.
3. Waarom houden deze partijen elkaar vast?
Omdat ieder afzonderlijk iets anders zegt dan hij structureel beloont.
De patstelling ziet er zo uit:
Fans willen betaalbaarheid, maar jagen tegelijk de populairste acts op.
Artiesten willen toegankelijk lijken, maar willen ook aura en volle zalen.
Promotors en zalen willen fairness in woorden, maar schaarste in praktijk.
Platforms zeggen service te bieden, maar verdienen aan frictie en afhankelijkheid.
Scalpers benutten gewoon de ruimte die het systeem laat.
Overheden willen ingrijpen zonder het systeem echt te herontwerpen.
Media voeden de aandachtspiek die alles aanjaagt.
Zo ontstaat een stabiel slecht evenwicht:
- iedereen klaagt;
- bijna niemand heeft belang bij volledige transparantie;
- iedereen verdient iets aan de huidige onduidelijkheid;
- de grootste schade valt op diffuse groepen: gewone fans en kleinere artiesten.
Dat is precies waarom het systeem blijft bestaan. Niet ondanks de klachten, maar dankzij de manier waarop de baten geconcentreerd zijn en de schade verspreid.
4. Waar zit het echte systeemprobleem?
Het systeemprobleem is niet alleen monopolie. Dat is te smal. De kern is een combinatie van:
A. Kunstmatig lage primaire prijzen
Die dienen imago, bereik en publieke acceptatie, maar creëren meteen arbitrage.
B. Niet-prijsmatige allocatie
Wie krijgt toegang? Niet degene die het meest waardeert, maar degene met de snelste klik, beste software of hoogste bereidheid om later extra te betalen.
C. Secondary market zonder terugkoppeling naar maker
De extra waarde verdwijnt naar tussenlagen in plaats van naar de artiest of fan.
D. Status- en kuddedynamiek
De vraag is niet puur muzikaal maar sociaal. Daardoor wordt de top disproportioneel oververhit.
E. Platformmacht en data-asymmetrie
De infrastructuur is niet neutraal. Degene die de stroom beheert, beheert de markt.
F. Diffuse verantwoordelijkheid
Iedere partij kan zeggen: “Ik ben maar één schakel.” Daardoor voelt niemand zich hoofdverantwoordelijk voor het geheel.
5. Wat zou een niet-naïeve systeemanalyse zeggen?
Dat je niet moet vragen: wie is schuldig? Maar: welke prikkels maken dit de rationele uitkomst? Dan zie je dat het systeem draait op vier brandstoffen:
- schaarste
- imitatie
- frictie
- onduidelijke eigendomsrechten over de meerwaarde
Zolang die vier blijven bestaan, blijft de machine draaien.
6. Welke interventies grijpen echt op het systeem in?
Niet één interventie is genoeg. Je moet kiezen welk type systeem je wilt.
Model 1: Markt zuiver maken
Als je echt vrije markt wilt, wees dan eerlijk.
Interventies
- dynamische prijszetting vanaf het begin;
- volledige transparantie over prijsalgoritme;
- minder resale-beperkingen;
- artiest/festival vangt de volledige schaarstewinst.
Effect
- minder arbitrage voor scalpers;
- minder bots;
- hogere primaire prijzen;
- concertbezoek wordt sterker een elitegoed.
Probleem
Economisch coherent, sociaal impopulair.
Model 2: Cultuur beschermen als publiek/sociaal goed
Dan moet je schaarste niet aan de markt overlaten.
Interventies
- naamgebonden tickets;
- face-value resale only;
- loting in plaats van snelheidswedstrijd;
- zware anti-botarchitectuur;
- identiteitsverificatie;
- max marges op resale;
- verplicht deel van secondary upside naar artiest/fonds;
- quota voor fanclubs, jongeren, lokale bezoekers;
- streng verbod op anonieme massale ticketopkoop.
Effect
- eerlijkere verdeling;
- minder speculatie;
- minder statuswinst voor doorverkopers;
- meer bescherming van fans en artiesten.
Probleem
Meer administratieve lasten, minder flexibiliteit, meer toezicht nodig.
Model 3: Hybride, maar dan echt slim
Niet het huidige slappe compromis, maar een ontworpen tussenvorm.
Interventies
- artiest bepaalt resale-regime per show;
- smart tickets met ingebouwde regels;
- resale mag, maar met plafond of winstdeling;
- secundaire winst automatisch gedeeld tussen artiest, zaal en evt. cultuurfonds;
- wachtrij vervangen door loting + fanverificatie;
- prijssegmentatie vooraf: goedkoop deel, marktdeel, premium deel;
- transparant overzicht van alle geldstromen per ticket.
Effect
- minder parasitaire arbitrage;
- maker deelt in meerwaarde;
- fans zien eerlijker wat er gebeurt;
- platform verliest een deel van de verborgen extractiemacht.
Probleem
Vraagt technische herbouw en machtsverlies bij incumbents.
7. Als je het systeem echt ter discussie stelt, kom je op radicalere vragen
Dan vraag je niet: hoe maken we Ticketmaster wat netter? Maar:
1. Waarom accepteren we überhaupt dat toegang tot cultuur via snelheid, software en hysterie wordt verdeeld?
Dat is een normatieve keuze, geen natuurwet.
2. Van wie is de meerwaarde van schaarste?
Van de artiest? Van de fan die toevallig snel was? Van de opkoper? Van het platform? Daar zit de kern van het conflict.
3. Willen we dat de top van de cultuurmarkt een statusslagveld blijft?
Want zolang de top acts vooral sociale prestige-objecten zijn, blijft extractie lonen.
4. Waarom is ticketing private infrastructuur?
Je zou ook kunnen denken aan een publieke of coöperatieve ticketlaag voor een deel van de cultuursector.
8. Mijn systemische conclusie
De huidige ticketmarkt is een machine voor optimale extractie rond schaarse aandacht. Niet alleen omdat platforms machtig zijn, maar omdat alle stakeholders op rationele wijze meewerken aan een systeem waarin:
- artiesten sympathiek willen lijken;
- fans de top willen najagen;
- platforms aan frictie verdienen;
- scalpers arbitrage benutten;
- media hype concentreren;
- toezichthouders slechts cosmetisch corrigeren.
Dat levert een patstelling op waarin iedereen ontevreden is, maar genoeg spelers profiteren om echte verandering te blokkeren. De echte keuze is dus niet technisch maar politiek: Willen we concertkaartjes behandelen als gewone marktwaar? Dan moet de prijs omhoog en het gejammer omlaag. Of willen we concerttoegang deels beschermen als cultureel goed? Dan moet je resale, allocatie en platformmacht veel harder reguleren. Wat niet werkt, is doen alsof het een vriendelijke consumentenmarkt is, terwijl het in werkelijkheid een statushiërarchie met financiële extractie is.
het systeem is niet kapot; het doet precies waarvoor het impliciet ontworpen is — schaarste, imitatie en emotie omzetten in maximale opbrengst voor tussenlagen.