562 In dialoog met eigen ruimte: goudlokje op wooncrisis
Volgens mij heb ik het toch voor elkaar: ik en wij kunnen deze database van blogs als een modern boek interactief raadplegen. Zie de vorig blog voor het linkje naar ‘Rudy’s ruimte’ op een Google NotebookLM. Enkele vragen die ik als voorbeeld gesteld heb, laat ik hieronder zien. Achtereenvolgens:
- De vraag van de kennis: wat is de visie van de auteur op huizen, wonen, grondwaarde?
- Leek me leuk een kruisvraag te stellen: Zou je de Goudlokje-strategie (die ik in mijn dating-boek heb geintroduceerd) ook kunnen toepassen om de crisis op de woningmarkt op te lossen?
- En dan de vraag die JIJ als gebruiker zou kunnen stellen: kan ik als externe gebruiker hier ook vragen stellen?
DE VISIE VAN DE AUTEUR OP HUIZEN, WONEN, GRONDWAARDE
De visie van de auteur op wonen, grond en bouwen is diep geworteld in een systemische analyse, waarbij hij de huidige woningcrisis niet ziet als een simpel tekort aan stenen, maar als een fundamenteel probleem van financiering en grondwaardestijging. Hieronder volgt een distillatie van zijn visie langs de drie gevraagde thema’s:
1. Grondwaarde als de ‘Zwarte Doos’
Het centrale punt in de visie van de auteur is het principe van de residuele grondwaarde.
- Het mechanisme: De prijs van grond wordt niet bepaald door de kosten, maar is een “restsom”: wat een koper maximaal kan lenen minus de bouwkosten.
- De innovatie-paradox: De auteur stelt dat efficiënter of goedkoper bouwen (bijv. via prefab of massaproductie) in het huidige systeem wonen niet goedkoper maakt. Elke besparing op de bouw vloeit direct naar de grondprijs, waardoor de winst bij de grondeigenaar of speculant terechtkomt in plaats van bij de starter.
- Grond als publiek goed: De auteur neigt naar de visie dat grond in principe van iedereen zou moeten zijn. Hij pleit voor het ontkoppelen van grond en opstal, waarbij de overheid of een maatschappelijk fonds eigenaar blijft van de grond en deze via erfpacht uitgeeft. Dit zou speculatie (“stationary bandits”) tegengaan en publieke waardecreatie ten goede laten komen aan de gemeenschap.
2. Wonen: Van Recht naar Financieel Product
De auteur bekritiseert de transformatie van wonen van een basisbehoefte naar een speculatief beleggingsobject.
- Kritiek op het ‘Volumeframe’: Hij verzet zich tegen het politieke mantra van “bouwen, bouwen, bouwen”. Volgens hem maskeert dit frame de werkelijke oorzaak: de enorme toename van de leencapaciteit en fiscale voordelen (zoals de hypotheekrenteaftrek), die de prijzen structureel hebben opgepompt.
- Tenure-neutraliteit: Hij pleit voor een systeem waarin kopen en huren economisch gelijkwaardig zijn. Door fiscale bevoordeling van koopwoningen af te schaffen, wordt wonen weer een consumptieve keuze in plaats van een vermogensstrategie.
- Generatie-ongelijkheid: De auteur wijst op een groeiende kloof; oudere bezitters profiteren van onbelaste overwaarde, terwijl starters vastzitten in een systeem waar ze de winst van de vorige generatie moeten financieren via hoge schulden.
3. Bouwen: Anders denken over Ruimte
Bouwen is voor de auteur een middel, maar geen doel op zich als de randvoorwaarden niet veranderen.
- Standaardisatie en prefab: Hoewel technische innovaties volgens hem de prijzen niet drukken zolang de grondmarkt niet wordt aangepakt, ziet hij wel mogelijkheden in industriële massaproductie om de kostprijs van de stenen te verlagen.
- De ‘Flexibele Schil’: Een specifiek voorstel van de auteur is het creëren van een mee-ademende ring rond steden. Hierop zouden tijdelijke, verplaatsbare woningen (zoals Minitopia) kunnen staan op publieke grond. Dit fungeert als een drukventiel voor de markt en voorkomt dat grondwaarde wordt vastgeklonken in eeuwige speculatie.
- Kwaliteit als sturing: Hij ondersteunt het idee om kwaliteitseisen (groen, water, duurzaamheid) vooraf juridisch vast te leggen, zodat deze kosten de grondwaarde omlaag dwingen in plaats van dat kwaliteit de sluitpost is van een project.
Concluderend stelt de auteur dat de wooncrisis een ontwerpkeuze is. De oplossing ligt niet in méér bouwsubsidies—die hij als “ballonnetjes” ziet die de prijzen alleen maar verder opdrijven—maar in een fundamentele herziening van het grondbeleid en het geldsysteem.
GOUDLOKJE TOEPASSEN OP DE HUIZENCRISIS
Ja, de Goudlokje-strategie (het zoeken naar de “top van de subtop”) is volgens de bronnen niet alleen een tactiek voor de liefde of audio, maar vormt de filosofische onderlaag voor een volwassen omgang met de woningmarkt. In een markt die wordt gedreven door escalatie en “misleiding van de natuur”, biedt Goudlokje een weg naar bewoonbaarheid boven uitputting.
Je kunt deze strategie op drie niveaus toepassen om de huizencrisis “op te lossen”:
1. Op individueel niveau: Stop de escalatie
De Goudlokje-strategie adviseert de koper om de “absolute top” van de markt te verlaten.
- De Fata Morgana: De jacht op het perfecte huis in de populairste wijk is een “fata morgana” die het systeem draaiende houdt via maximale spanning en concurrentie.
- De Subtop-keuze: Door te mikken op de top van de subtop — huizen of plekken die “precies goed” zijn maar niet de hoofdprijs van schaarste dragen — ontsnap je aan de verstikkende hypotheeklasten die je autonomie vernietigen. Het is de keuze voor een leven waarin je stopt met zoeken en begint met wonen.
2. Op beleidsniveau: De “precies goede” kaders
De bronnen suggereren dat de overheid de markt moet dwingen naar een Goudlokje-evenwicht door de residuele grondwaarde te temmen:
- Kwaliteit als startpunt: In plaats van de grondprijs leidend te laten zijn, moet de overheid harde eisen stellen aan kwaliteit, groen en duurzaamheid. Hierdoor wordt het surplus voor grondeigenaren kleiner en daalt de grondwaarde vanzelf naar een maatschappelijk aanvaardbaar niveau.
- Tenure-neutraliteit: Een Goudlokje-systeem maakt huren en kopen financieel gelijkwaardig. Wonen verliest dan zijn rol als speculatief beleggingsinstrument en wordt weer een consumptieve keuze op basis van levensstijl.
3. Op systeemniveau: De “Mee-ademende Stad”
Een concrete toepassing van de Goudlokje-gedachte is de flexibele schil van verplaatsbare woningen.
- Niet te heet, niet te koud: Permanente woningbouw is vaak te traag en te duur (te heet), terwijl niets doen leidt tot uitsluiting (te koud).
- Het drukventiel: Een ring van tijdelijke, kwalitatieve woningen (zoals Minitopia) fungeert als een systemisch drukventiel. Het biedt schaalbare en betaalbare ruimte die mee-ademt met de bevolkingsdynamiek, zonder de grondwaarde voor decennia vast te klinken in speculatie.
Conclusie:
De Goudlokje-strategie op de huizenmarkt betekent het doorbreken van de “growth lock-in”. Het vraagt om systemen die niet langer optimaliseren voor maximale extractie en schuld, maar voor optimale begrenzing. Zoals de auteur stelt: de top houdt het systeem draaiende, maar de top van de subtop maakt het leven — en wonen — leefbaar.
KAN IK EXTERNE LEZER OOK VRAGEN STELLEN AAN RUDY’S RUIMTE?
Ja, dat kan zeker. Hoewel dit project in de eerste plaats is opgezet als een persoonlijk archief en “legacy-project” voor de auteur, Rudy, stelt hij zijn blogs uitdrukkelijk openbaar zodat anderen kunnen meelezen.
Rudy ziet zijn teksten namelijk als een aanzet tot dialoog en niet als vervanging van het oorspronkelijke gesprek. Het openbaar maken van zijn gedachten heeft voor hem verschillende functies: het structureert zijn eigen denken, maar het maakt ook verbinding met anderen mogelijk. Hij hoopt dat zijn teksten iemand kunnen raken, inspireren of tot nieuwe inzichten kunnen aanzetten.
In de praktijk gebeurt dit ook al regelmatig:
- Vragen van derden: Rudy krijgt vaak vragen of verwijten van vrienden en “discussie-maten” over actuele onderwerpen, die hij vervolgens als input gebruikt voor nieuwe analyses.
- Interactie zoeken: Hij overweegt expliciet om zijn publiek direct om raad te vragen via polls of verzoeken om reacties om interactie te genereren en van zijn lezers te leren.
- Systeemkritiek als uitnodiging: Zijn kritische manier van denken is bedoeld als een “uitnodiging tot volwassen burgerschap” en om anderen te helpen buiten de dominante verhalen te denken.
De methode die op deze site wordt gehanteerd — het gebruiken van AI als “mentale spiegel” om patronen te herkennen en complexe denkers te bevragen — staat dus open voor de buitenwereld om mee te luisteren en te reageren. Rudy moedigt lezers zelfs aan om niet zomaar iets voor zoete koek aan te nemen en zelf kritische vragen te blijven stellen.