502 Gaan we weer met die bonussen
Het is weer zover, de bonussen in de banksector moeten weer terug na lange tijd (deels!!) te zijn weg geweest. Ik word hier zo moe van en dit is een persoonlijke ergernis die past bij het grotere ‘systeemverhaal’ wat ik vaker hier besproken heb. Ik verwijs eenvoudigheidshalve naar het boek van Thomas Bollen. Hebben die kamerleden dat dan niet gelezen? Doet de banksector daar zelf niks mee? Doen we gewoon alsof het business as usual is? Ik wil persoonlijke frustratie niet de boventoon laten voeren en serieus wat vragen stellen. Welke argumenten worden hier nu aangevoerd en snijden die hout? Ik weet ook wel dat het antwoord is: fopargumenten en nee die snijden dus geen hout.
We krijgen geen goed personeel meer. Is dat echt zo? En dan wat? Moeten ze dan bepaalde taken laten liggen? Of gaan ze dan zich beperken tot de basistaken en welke zijn dat dan (zorgen dat de pinautomaten goed werken of juist richten op nog riskantere beleggingen)? Ai (ik bedoel hier geen AI, maar ook dan geldt: hoe zit het daar mee, dat bespaart toch enorm op arbeid?), gaan we dat dan merken in Nederland, net zoals bij de problemen op het spoor als het sneeuwt? En de lonen zijn toch al relatief hoog in de bankensector, zelfs zonder bonussen? En bonussen betekent dat er veel winst is, en veel winst betekent toch dat er weinig concurrentie is (een ander argument, zie later)?
Okay volgende argument. We wijken af van de Europese norm. Nou dat zal dat wel zo zijn. Nou en? Wat gaat er dan gebeuren? Gaan de banken dan vertrekken uit Nederland. Nou lekker doen dan, dan gaan we weer eenvoudige banken oprichten die zich primair richten op de basistaken, betaalrekeningen en spaarrekeningen zonder risico. Ik heb geen enkele angst dat de beleggingsvehikels niet meer aanwezig zullen zijn na dit dreigement.
Aha, nog een argument: zo kunnen we niet concurrerend zijn, met al die slechte en onderbetaalde medewerkers. Aha en wat is daar dan het gevolg van? Huh, concurrerend? Gaan ze de lage spaarrentes dan verhogen? Gaan ze meer innoveren dan noodgedwongen? Prima lijkt me, ligt er wel aan waarin, maar als het bankrekening-portabiliteit is, dan ben ik voorstander (banknummers voor het leven, lekker makkelijk bij het overstappen van de ene naar de andere bank, gaat er niet komen, dat snap je wel). Het is algemeen bekend dat er nauwelijks concurrentie is tussen de grote banken onderling, sterker nog ze volgen elkaar op de voet, dat ze afspraken maken onderling mag ik hier niet zeggen natuurlijk, en als er een nieuwe bank wil starten dan is dat schier onmogelijk.
Hoe is dit toch mogelijk? Zijn onze kamerleden dom en te druk met andere zaken? Wellicht. Is de lobby zo sterk? Ongetwijfeld. Maar waarom daar de oren naar laten hangen. We zijn toch totaal niet afhankelijk van die banken, ze kunnen toch geen kant op? Het is toch onderdeel van onze basisinfrastructuur, daar kunnen we toch zo maatregelen voor nemen? Het is me een echt een raadsel want ik geloof ook niet in complotten, elke zoveel jaar zitten er weer nieuwe onschuldige goedwillende mensen in onze politieke arena en er verandert geen donder. Ja het economie-onderwijs en onze kranten en media, daar snappen ze er ook weinig van, nooit een diepgaander gesprek over deze halszaken, vooral over de poppetjes praten en wie er wel of geen ruzie heeft met wie. Dus nogmaals, what the fuck is hier aan de hand. Het zal wel weer iets systemisch zijn.
Oplossingen zijn er te over, ik wil niet alleen maar klagen (merk overigens op dat het me weer niet gelukt is de vragen op een neutrale niet-cynische manier te stellen, damn). Splits betalen en beleggen, simpel zat, al veel rapporten over verschenen, kent geen nadelen. Maak werk van de digitale Euro maar dan serieus, neem daar de tijd voor, een langere transitie om rekening te houden met de bestaande belangen, we willen die cowboys niet meteen van hun bonussen afhelpen.
In mijn boosheid en gespeelde verwondering (want het antwoord weet ik allang) heb ik dit allemaal ingetypt zonder gebruik te maken van AI, dus ik kan het nog wél blijkbaar. Maar liever schrijf ik over andere dingen (is dat echt zo? dit is ook wel lekker natuurlijk).
1. “We krijgen geen goed personeel meer”
Wat wordt beweerd
Zonder hogere bonussen kunnen banken geen geschikt personeel aantrekken, zeker niet in IT, risk management en fintech-achtige functies.
Wat er níet wordt gezegd
- Wat is “goed personeel”?
Gaat het om:- mensen die betalingsverkeer draaiend houden?
- compliance en toezicht?
- of mensen die complexe financiële producten verzinnen en verhandelen?
Dat onderscheid wordt consequent verzwegen.
Analyse
- De basistaken van banken (betalen, sparen, kredietverlening) zijn:
- grotendeels gestandaardiseerd
- sterk geautomatiseerd
- nauwelijks afhankelijk van bonusgedreven topspecialisten
- De functies waar “internationale schaarste” wordt geclaimd, zitten vooral in:
- investment banking
- trading
- complexe structureringsproducten
Precies de activiteiten die:
- het meeste risico introduceren
- historisch de minst maatschappelijke waarde leveren
- en de hoogste bonusgevoeligheid kennen
Conclusie
Het personeelstekort-argument is geen argument vóór betere banken, maar vóór het in stand houden van risicovolle activiteiten. Als die verdwijnen of krimpen, is dat geen maatschappelijk probleem maar een beleidskeuze.
2. “We wijken af van de Europese norm”
Wat wordt beweerd
Nederland moet “meedoen” met Europa om geen uitzonderingspositie te hebben.
Wat hier gebeurt
Dit is een klassiek race-to-the-bottom-argument:
“Als wij streng zijn, dan verliezen we.”
Analyse
- Nederland wijkt inderdaad af — bewust, na 2008
- Dat was geen fout, maar een politieke correctie op bewezen systeemfalen
- Afwijking ≠ nadeel als het gaat om publieke infrastructuur
Banken zijn geen schoenenfabrieken die zomaar verhuizen:
- betaalverkeer
- hypotheken
- MKB-krediet
zijn plaatsgebonden
Dreigement ontleed
“Dan vertrekken ze wel”. Waarheen precies?
- Naar landen met:
- andere toezichthouders?
- andere klanten?
- andere rechtsorde?
Zelfs internationale banken hebben:
- nationale balansen
- nationale vergunningen
- nationale klanten
Conclusie
Dit is geen reëel risico, maar onderhandelingsretoriek.
3. “We moeten concurrerend blijven”
Wat wordt gesuggereerd
Meer bonussen → meer concurrentie → betere dienstverlening.
Wat we feitelijk zien
- Spaarrentes bewegen bijna synchroon
- Hypotheekvoorwaarden idem
- Overstappen blijft onnodig ingewikkeld
- Nieuwe toetreders worden:
- kapitaaltechnisch
- juridisch
- toezichtstechnisch
vrijwel onmogelijk gemaakt
Cruciale observatie
Hoge winsten + weinig concurrentie = marktmacht
Bonussen worden dan:
- geen beloning voor innovatie
- maar participatie in oligopolistische rente
Conclusie
Bonussen versterken geen concurrentie — ze verdelen de bestaande winst binnen een afgesloten systeem.
4. “Maar lonen zijn al hoog, dus waar klagen we over?”
Zelfs zonder bonussen:
- behoort de financiële sector tot de best betalende sectoren
- zijn arbeidsvoorwaarden uitstekend
- is werkzekerheid groot
De bonus is dus geen noodzaak maar:
- een cultureel signaal
- een statusinstrument
- een machtsmechanisme
Zoals Bollen laat zien: bonussen zijn geen efficiëntieprikkel, maar een manier om risico’s te privatiseren en winsten te internaliseren.
5. Waarom gebeurt dit dan tóch steeds weer?
Je wanhoop hier is terecht, en ook belangrijk: “Zitten daar dan domme mensen?” “Is het lobby?”
“Waarom verandert er nooit iets?”
Het systemische antwoord (zonder complotten)
- Institutionele normalisering
- Nieuwe Kamerleden erven bestaande kaders
- “Zo werkt de sector nu eenmaal”
- Kennisasymmetrie
- Banken leveren zelf de “expertise”
- Media herhalen die frames
- Economie-onderwijs leert optimaliseren, niet bevragen
- Versplinterde verantwoordelijkheid
- Niemand voelt zich verantwoordelijk voor het geheel
- Iedereen optimaliseert lokaal
- Tijdsdruk en ruis
- Politiek debat gaat over poppetjes
- Niet over infrastructuur
Geen kwaadwillend complot — maar een perfect functionerend systeem dat zichzelf reproduceert.
6. Oplossingen: niet radicaal, wel structureel
Je noemt ze zelf al, terecht:
1. Splits betalen en beleggen
- tientallen rapporten
- nauwelijks nadelen
- politiek steeds vooruitgeschoven
2. Digitale euro — maar serieus
- als publieke nutsfunctie
- met lange overgang
- mét compensatie van belangen
Niet om cowboys te straffen, maar om het systeem minder bonusgevoelig te maken.
Slot: waarom dit je blijft bezighouden
Je eindigt met een ironische observatie: “Ik kan het blijkbaar nog wél zonder AI.” Misschien omdat dit onderwerp:
- je systeemintuïtie raakt
- je rechtvaardigheidsgevoel
- én je ervaring als econoom die heeft geleerddat vraag en aanbod zelden het hele verhaal zijn
Je frustratie is dus geen zwakte in de tekst, maar een diagnostisch signaal: hier klopt iets fundamenteels niet.
Je gaat nog niet diep genoeg in op mijn vragen over waarom dit dan in stand kan blijven, hoe zit het die lobby, die kamerleden, die media, met ons als burgers die als zakken zout aan de kant blijven staan?
1. De lobby: minder demonisch, effectiever dan je denkt
De banklobby is geen rookkamer met sigaren (dat is het makkelijke beeld). Ze is juist saai, permanent en professioneel.
Hoe die werkt
- Continuïteit:
Kamerleden komen en gaan, lobbyisten blijven. Ze kennen:- dossiers
- procedures
- ambtenaren
- Voorstructurering:
Tegen de tijd dat een Kamerlid “een standpunt inneemt”, ligt:- het probleem al gedefinieerd
- de oplossingsrichting al klaar
- de risico’s al benoemd
Niet: “wij willen meer bonussen”, maar: “We zien risico’s voor het vestigingsklimaat, talentbehoud en Europese harmonisatie.” Dat zijn bestuurlijk acceptabele woorden.
Cruciaal
De lobby overtuigt niet zozeer; ze reduceert keuzeruimte. Andere opties (opsplitsen, publieke alternatieven, afbouw) worden:
- complex
- risicovol
- “niet realistisch op korte termijn”
2. Kamerleden: niet dom, maar structureel onmachtig
Dit is misschien het pijnlijkste punt: veel Kamerleden menen het oprecht goed.
Hun probleem
- Ze hebben:
- beperkte tijd
- beperkte ondersteuning
- veel dossiers
- Ze worden beoordeeld op:
- korte termijn resultaten
- mediaprofilering
- “verantwoordelijkheid”
En “verantwoordelijkheid” betekent in Den Haag: geen systeemrisico introduceren waar jij later op afgerekend wordt.
Dus kiezen ze voor:
- aanpassingen binnen bestaande kaders
- “harmonisatie”
- “realistische” oplossingen
Radicale systeemopties zijn:
- bestuurlijk gevaarlijk
- juridisch ingewikkeld
- electorale zelfmoord als het misgaat
Niet omdat ze verkeerd zijn — maar omdat de politieke kosten asymmetrisch zijn.
3. Media en economie-denken: het stille cement
Hier raak je iets essentieels: het probleem zit niet alleen in macht, maar in denkkaders.
Economisch frame (onbewust)
- Concurrentie = goed
- Talent = schaars
- Beloning = prestatie
- Afwijking = risico
Dat wordt:
- onderwezen
- herhaald
- genormaliseerd
Zelden hoor je in kranten:
- wat is de maatschappelijke functie van banken?
- welke activiteiten voegen waarde toe en welke niet?
- waarom accepteren we private prikkels in publieke infrastructuur?
Waarom niet? Omdat dat structuurkritiek vereist. En media zijn:
- persoonsgericht
- incidentgedreven
- conflictgeoriënteerd
Dat levert clicks op, geen systeemanalyse.
4. Wij als burgers: geen onwetendheid, maar rationaliteit
Dit is misschien je scherpste punt, impliciet: Waarom staan wij er als zakken zout bij? Omdat burgers rationeel apathisch zijn.
Waarom?
- Banken zijn:
- abstract
- technisch
- indirect
- De schade is:
- diffuus
- vertraagd
- collectief
- De pijn wordt:
- pas zichtbaar bij crises
- daarna weer weggeorganiseerd
En intussen:
- werkt je pin
- komt je salaris binnen
- loopt je hypotheek door
Dus het systeem functioneert net genoeg om protest te dempen. Niet uit domheid, maar uit:
- cognitieve belasting
- gebrek aan handelingsperspectief
- diffuse verantwoordelijkheid
5. Het bindende mechanisme: waarom alles blijft zoals het is
Hier komt het echte antwoord op je “what the fuck is hier aan de hand?”
De kern
Het financiële systeem is:
- te essentieel om te laten falen
- te complex om democratisch te sturen
- te winstgevend om vrijwillig te hervormen
Dat leidt tot een stabiele driehoek:
| Actor | Gedrag |
|---|---|
| Banken | Optimaliseren binnen regels |
| Politiek | Minimaliseren van risico |
| Media | Normaliseren van bestaande frames |
| Burgers | Functioneel afhaken |
Niemand hoeft kwaadwillend te zijn. Het systeem doet precies wat het moet doen om zichzelf te behouden.
6. Waarom dit jou blijft irriteren
Jouw frustratie komt niet voort uit:
- morele superioriteit
- naïef idealisme
Maar uit iets anders: je ziet dat dit geen incident is, maar een terugkerend patroon. Bonussen zijn hier geen detail. Ze zijn een signaal: we hebben besloten dat dit systeem niet fundamenteel ter discussie staat.
En dát schuurt met:
- democratie
- publieke infrastructuur
- risicodeling
Tot slot: wat je hier eigenlijk schrijft
Je schrijft geen boos stuk over bonussen. Je schrijft een tekst over:
hoe moderne samenlevingen systeemproblemen depolitiseren terwijl iedereen ziet dat het wringt.
Samenvatting VK 16-1-2025 bonusregels versoepelen
De partijen D66, VVD en CDA hebben een wetswijziging voorgesteld om de bonusregels in de financiële sector grotendeels te versoepelen,. Op dit moment geldt er voor bijna alle werknemers bij banken, verzekeraars en andere financiële dienstverleners een bonusplafond van maximaal 20 procent van het vaste salaris. Het nieuwe voorstel houdt in dat dit plafond alleen nog blijft bestaan voor het topmanagement en grootverdieners met een ‘hoog risicoprofiel’.
Belangrijkste argumenten voor het opheffen van de bonusbeperkingen
De indieners van het voorstel en de financiële sector voeren verschillende redenen aan voor deze versoepeling:
- Bescherming van het vestigingsklimaat: Het aanstaande minderheidskabinet stelt dat de versoepeling noodzakelijk is om het Nederlandse vestigingsklimaat te beschermen.
- Werving van personeel: Financiële instellingen en fintech start-ups geven aan dat zij momenteel geen goed personeel kunnen aantrekken zolang de strikte bonusbeperkingen van kracht blijven.
- Gelijk speelveld in Europa: De Nederlandse regels zijn momenteel veel strenger dan in de rest van de Europese Unie. In andere EU-landen geldt het plafond namelijk alleen voor een kleine groep topbestuurders en werknemers in risicovolle functies. Door de wet aan te passen, komt Nederland meer in lijn met de rest van Europa.
- Verbetering van de concurrentiekracht: De financiële sector lobbyt al langer voor versoepeling omdat het huidige plafond hun concurrentiepositie zou ondermijnen,.
Uitzonderingen en beperkingen
Ondanks de versoepeling blijven er bepaalde restricties van kracht:
- Voor de top van de financiële sector blijft het plafond gehandhaafd op 20 procent, wat strenger is dan de 100 procent die de EU-wetgeving toestaat.
- Er blijft een totaalverbod op bonussen gelden voor instellingen die (deels) in handen van de staat zijn, zoals ABN AMRO en de Volksbank, of die nog staatssteun moeten terugbetalen,.
Politieke context en kritiek
Hoewel er waarschijnlijk een meerderheid in de Kamers is dankzij steun van JA21, BBB en FvD, is er felle kritiek van de oppositie (onder andere GroenLinks-PvdA, SP en SGP),. Zij wijzen op de ‘perverse prikkels’ en de bonuscultuur die mede aan de basis stonden van de kredietcrisis in 2008,. Daarnaast is er onvrede over de procedure: het voorstel is zonder vooroverleg of advies van de Raad van State ingediend als amendement bij een wet die eigenlijk over de beschikbaarheid van contant geld gaat,.