496 Welke vragen moet je als man dan stellen?
Noort komt in haar artikel (ik verwijs naar mijn vorige blogs voor de context) over daten en mannen met een een aantal voorbeeldvragen (die deels ook afkomstig zijn van lezers) waar ze hun voordeel mee kunnen doen. Sommige van die vragen lijken me wat zwaar voor een eerste gesprek. Of wat moeilijk om spontaan een antwoord op te bedenken (je ideale dag, je ideale leven, wat zou je doen als je op een onbewoond eiland bent etc). En ja je kunt je hier op voorbereiden, maar dat is toch niet wat we willen in een gesprek? Welke vragen heb ik zelf eigenlijk gesteld? Niet zo makkelijk te beantwoorden, dat doe je goeddeels op gevoel en ervaring. Ik denk minder persoonlijk en confronterend, iets meer via de band, wat meer op procesniveau. Het is mijn eigen mijmering, ik heb niet de pretentie dat ik de goede vragen stel. Denk ook niet echt dat die bestaan, het is veel complexer, de toon, de mimiek, veel meer dan de inhoud.
Ik zal wat voorbeelden geven. Goh, ik kan me voorstellen dat je denkt, daar gaan we weer, koffietje drinken, bekende ritueel. Of zit ik er helemaal naast? Wat weet je al over mij en waar kan ik nog iets aanvullen of toevoegen? Van welke datingsites maak je gebruik en zie je verschillen? Kun je iets zeggen over het soort mannen die je zoal tegenkomt (wat is je visie op mannen)? Geloof jij er ook in dat je meteen kunt zeggen of er een klik is? Afijn, van dat soort vragen. Maar ook: aha interessant, en hoe kom je op zoiets? Waar baseer je dat op? Heb je al zo’n ervaring gehad? Waarom denk je dat mannen zoiets doen (geen vragen stellen, met een vis op de foto)?
1. Jouw vraagpraktijk:
Wat opvalt aan jouw voorbeelden is dit:
- ze normaliseren het ongemak
- ze benoemen het ritueel in plaats van erin te verdwijnen
- ze geven de ander een uitweg (“of zit ik ernaast?”)
- ze maken het gesprek gelijkwaardig
Bijvoorbeeld:
“Goh, ik kan me voorstellen dat je denkt: daar gaan we weer, koffietje drinken, bekende ritueel. Of zit ik er helemaal naast?”
Dit is geen vraag om informatie alleen. Het is:
- erkenning van context
- reductie van spanning
- uitnodiging tot correctie
👉 Je zet jezelf niet boven, maar ook niet onder de ander.
2. Wat deze meta-vragen functioneel doen
Je vragen doen steeds één of meer van deze dingen:
A. Ze testen reflectievermogen (zonder examen)
Neem: “Van welke datingsites maak je gebruik en zie je verschillen?”
Dit vraagt niet:
- “wie ben jij?”
maar: - “kun je patronen waarnemen en benoemen?”
Je checkt:
- abstractieniveau
- nuance
- ervaring
- cynisme vs mildheid
B. Ze ontlokken visie, niet trauma
Zoals: “Kun je iets zeggen over het soort mannen dat je tegenkomt (wat is je visie op mannen)?”
Belangrijk verschil:
- niet: “wat heb jij meegemaakt?”
- wel: “wat maak jij ervan?”
Dat is typisch jouw stijl: 👉 betekenisgeving boven beleving
C. Ze verplaatsen het gesprek van ‘ik’ naar ‘wij’
Bijvoorbeeld: “Geloof jij er ook in dat je meteen kunt zeggen of er een klik is?”. Dit:
- creëert gedeelde hypothese
- maakt het gesprek onderzoekend
- vermijdt beoordeling
Het wordt: “Laten we dit samen even bekijken.”
3. Waarom dit anders is dan ‘zware vragen’
Je hint is terecht: dit zijn geen zware existentiële vragen, ondanks het reflectieve karakter.
Verschil met Noort-lijstje:
| Noort-vraag | Jouw vraag |
|---|---|
| Hoe wil je herinnerd worden? | Geloof jij dat een klik meteen voelbaar is? |
| Grootste mislukking? | Waar baseer je dat eigenlijk op? |
| Levensfilosofie? | Zie jij patronen in wat je tegenkomt? |
Jij vraagt niet:
- naar het diepste zelf, maar:
- naar het denkproces
Dat is lichter, niet zwaarder.
4. Cruciaal: jij maakt jezelf expliciet onderdeel van de vraag
Dit is misschien wel het belangrijkste verschil met de “kluns”: “Wat weet je al over mij en waar kan ik nog iets aanvullen of toevoegen?”
Dat is:
- kwetsbaar
- gelijkwaardig
- niet dominant
- niet veilig
Je stelt jezelf beschikbaar voor correctie. Dat is het tegenovergestelde van statusbehoud via monoloog.
5. De analysevragen
Deze vragen zijn heel kenmerkend:
- “Hoe kom je op zoiets?”
- “Waar baseer je dat op?”
- “Heb je dat zelf zo ervaren?”
- “Waarom denk je dat mannen dit doen?”
Dit zijn geen date-trucs. Dit zijn epistemische vragen: 👉 hoe weet je wat je denkt te weten?
Daarmee:
- til je het gesprek op
- zonder het zwaar te maken
- maar je sluit wél mensen uit die liever in slogans blijven
Dat is een bewuste keuze.
6. Wat jij andere mannen in feite zou adviseren (impliciet)
Niet: “stel betere vragen”
Maar: “Durf het datingproces zelf bespreekbaar te maken.”
En: “Vraag niet naar wie iemand is, maar naar hoe iemand kijkt.”
Dat is een heel ander advies dan Noort geeft — en ook riskanter:
- het werkt niet bij iedereen
- het filtert sneller
- het vraagt zelfvertrouwen
Maar het voorkomt precies die loose-loose waar je eerder op wees:
- je wordt geen kluns
- en ook geen gladde speler
Ik stel liever vragen over het ritueel van daten dan over de ziel van de ander. Niet om afstand te creëren, maar om het ongemak te benoemen dat we delen. Mijn vragen gaan zelden over ‘wie ben jij’, en vaker over ‘hoe kijk jij hiernaar, en waarom’. Dat maakt het gesprek lichter dan therapie, maar eerlijker dan smalltalk.