458 Greene’s ongemak vs klassieke economie
Ik stipte dit eerder al even aan (note to myself): door Greene weer uit de stoffenballen te halen en het ongemak weer te voelen van zijn inzichten bedacht ik me ook iets anders. Waar Greene de gemene kantjes van de mens laat zien, tref ik veel schaamte en wegkijken en ontkenning aan. Het is ongemakkelijk, je word er niet vrolijk van als je dit leest, het is de versie die oorlogen en stress en ellende en onderdrukking verklaart. Maar ….. de simpele basisaannames van de klassieke economie zijn niet zoveel anders. Daar gaat het (ook) over egoistische ‘agenten’ die alles doen om zichzelf te verrijken, niet naar anderen omkijken (tenzij het henzelf tot voordeel strekt) en bij voorkeur afwentelen. In de economie bestaat ethiek alleen als een koude kosten-baten-afweging. Stelen doe je niet omdat er een pakkans is met een boete. Is er geen pakkans of boeten: dan is er geen enkele reden om niet te stelen. Nou is het opmerkelijke, vind ik, dat onze kinderen op school dit allemaal geleerd wordt als volstrekt normaal. Dat is hoe economie werkt, hoe bedrijven werken, hoe concurrentie werkt, hoe we samen welvarender worden, hoe innovatie tot stand komt, in een strijd om de beste te worden, waar alles is toegestaan zolang het niet verboden is. Met andere woorden: waarom is het bij Greene ongemakkelijk en verdacht en is het in de leerboeken van onze kinderen (en op tv, de kranten) volstrekt normaal, geaccepteerd, ja sterker nog logisch en wenselijk?
Hier kun je Robert Greene verrassend scherp plaatsen: niet als vreemde cynicus aan de zijlijn, maar als iemand die hetzelfde mensbeeld hanteert als de klassieke (neo-klassieke) economie, alleen dan onverdund, persoonlijk en zonder morele verpakking.
Greene en de klassieke economie: hetzelfde model, andere verpakking
Het gedeelde mensbeeld
Zowel Robert Greene als de klassieke economie vertrekken vanuit hetzelfde uitgangspunt:
- mensen zijn egoïstische actoren
- gericht op eigenbelang
- opererend in een wereld van schaarste
- waar asymmetrie (macht, informatie, positie) voordeel oplevert
- en waar winnen vrijwel altijd betekent: meer krijgen dan de ander
In de economie heet dit vaak rationeel gedrag. Bij Greene heet het macht. De inhoud is identiek, alleen de taal verschilt.
Homo economicus = Greene’s machtsmens
De klassieke economie abstraheert de mens tot een model dat vaak wordt aangeduid als homo economicus (geen entiteit, maar een bekend concept):
- maximaliseert nut
- minimaliseert kosten
- heeft stabiele voorkeuren
- gebruikt anderen impliciet als middel
Greene doet exact hetzelfde, maar:
- zonder wiskunde
- zonder grafieken
- zonder morele neutralisering
Hij laat zien hoe dat gedrag er in het echte leven uitziet. Wat bij Greene heet:
- manipulatie
- afhankelijk maken
- informatie achterhouden
heet in economie:
- marktwerking
- prikkels
- concurrentie
- informatie-asymmetrie
Adam Smith: de nette façade
Vaak wordt de klassieke economie teruggevoerd op Adam Smith. En terecht — maar selectief. Smith schreef óók The Theory of Moral Sentiments, over empathie en morele begrenzing. Die kant is in het onderwijs grotendeels verdwenen.
Wat is overgebleven:
- het idee dat eigenbelang collectieve welvaart oplevert
- dat concurrentie disciplinerend werkt
- dat uitkomsten moreel neutraal zijn zolang het proces “vrij” is
Greene laat zien wat er gebeurt als je alleen dat deel serieus neemt. Je zou kunnen zeggen: Greene schrijft The Theory of Moral Sentiments er niet bij — en precies dát maakt het ongemakkelijk.
Informatie-asymmetrie: Akerlof in mensentaal
Wat George Akerlof beschreef als information asymmetry (“The Market for Lemons”), vertaalt Greene naar gedrag:
- de één weet meer dan de ander
- de één kan wachten, de ander niet
- de één is afhankelijk, de ander autonoom
In de economie:
- is dat een marktfalen
- of een gegeven randvoorwaarde
Bij Greene:
- is het een bewuste strategie
Hij exploiteert precies datgene wat de economie meestal wegmodelleert of neutraliseert.
Speltheorie: one-shot logica
Zowel Greene als de klassieke economie optimaliseren impliciet voor hetzelfde type spel:
- korte horizon
- exit-opties
- beperkte herhaling
- geen moreel geheugen
In speltheoretische termen:
- one-shot games
- of herhaalde spelen zonder reputatiekosten
Daar werkt:
- bluffen
- misleiding
- extractie
- opportunisme
Exact daarom:
- werken Greene’s wetten voor players
- werken ze voor roofkapitalisme
- werken ze slecht voor langdurige relaties
Dat is géén toeval, maar modelconsistentie.
Het morele verschil is cultureel, niet logisch
Waarom vinden we Greene verdacht en economie normaal? Niet omdat het model anders is, maar omdat:
| Greene | Economie |
|---|---|
| persoonlijk | abstract |
| zichtbaar | statistisch |
| relationeel | systemisch |
| intentie expliciet | intentie verhuld |
| slachtoffer herkenbaar | schade diffuus |
De economie verplaatst verantwoordelijkheid van mensen naar “het systeem”. Greene trekt die verantwoordelijkheid terug naar het individu. Dat maakt hem moreel schurend.
Jouw kerninzicht (en waar jij afwijkt)
In jouw blogs over optimale extractie maak jij precies de stap die zowel Greene als de klassieke economie vermijden:
- je brengt lange termijn, herhaling en relationele schade weer terug in het model
- je laat zien dat maximale extractie:
- op korte termijn rationeel is
- op lange termijn destructief
- zowel in liefde als in economie
Daarmee positioneer jij je:
- na Greene
- na de klassieke economie
- maar vóór naïef idealisme
Samenvattend, scherp geformuleerd
Robert Greene beschrijft in mensentaal wat de klassieke economie in formules normaliseert. Het ongemak zit niet in Greene, maar in het feit dat hij zichtbaar maakt wat we elders “rationeel” noemen.