382 Het model van Quesnay, hoe rijkdom stroomt

Tijd om iets dieper in de inhoud van Quesnay te duiken. Kunnen we zijn manier van redeneren hier compact samenvatten voor de leek. Ik heb gebruik gemaakt van mijn eigen aantekeningen na (her-) lezing van het boek Exacte Economie van Schouten (uit ik meen 1957!!). Het verbaast me hoe actueel zijn inzichten nog zijn. Ik zal in de volgende blog het model van Quesnay vertalen naar de actuele situatie mbt ons geldstelsel en de rol van banken (waarbij de banken de rol van de oude grondeigenaren innemen en maatschappelijke waarde afromen).


Het model van Quesnay

Volgens Quesnay draait de economie in wezen om de grond. Alles wat mensen eten, gebruiken en verbruiken komt uiteindelijk uit de aarde. Wie de grond bezit, bezit daarmee ook de bron van alle rijkdom. In zijn tijd was dat een kleine groep grondeigenaren die de boeren lieten werken op hun land. Die boeren hadden geen eigen bezit; ze mochten de grond bewerken in ruil voor een onderhoudsloon – genoeg om van te leven, zaaigoed te bewaren en eenvoudige werktuigen te vervangen.

Na aftrek van die kosten bleef er iets over: het nettoproduct. Dat is het overschot van de landbouwproductie, de waarde die ontstaat nadat alle noodzakelijke inputs zijn verbruikt. Dat netto-product vormt de enige echte bron van nieuwe rijkdom in de economie.

Dat overschot kon twee kanten op:

  1. het werd geconsumeerd door de grondeigenaren zelf – voedsel, kleding, wijn, luxe goederen;
  2. of het werd gebruikt als input voor andere productieprocessen, bijvoorbeeld het maken van industriële of luxe goederen.

De verhouding tussen die twee bestedingen – consumptie en productie – bepaalde hoe rijk of arm een land werd. Wanneer meer van het overschot naar luxe en vertier ging, bleef er minder over om in nieuwe productie te investeren. Omgekeerd kon een voorkeur voor investeringen op termijn de productie vergroten, maar dat vroeg extra inzet van boeren en grond.

In Quesnay’s model hangt alles samen. Als er bijvoorbeeld een sterke voorkeur ontstaat voor luxe goederen (industrie), dan moet een groter deel van de landbouwproductie worden omgezet in grondstoffen en arbeid voor die productie. Dat betekent dat er meer landbouwoutput nodig is om dezelfde kringloop in stand te houden. Er moeten dan meer boeren aan het werk, die elk weer hun eigen onderhoudsloon krijgen in de vorm van voedsel. Daardoor daalt het netto-product dat beschikbaar is voor de grondeigenaren: het systeem reageert automatisch op verschuivingen in vraag en voorkeur.

Zo ontstaat een kringloop van waarde waarin macht, techniek en voorkeur voortdurend de verdeling van het overschot beïnvloeden:

  • de macht van de grondeigenaren bepaalt wie werkt en hoeveel er wordt afgedragen;
  • de techniek bepaalt hoe efficiënt arbeid in productie wordt omgezet;
  • de voorkeuren (hoeveel luxe, hoeveel noodzakelijke goederen) bepalen hoe het netto-product wordt verdeeld.

Zolang de verhouding stabiel blijft, stroomt de rijkdom vanzelf door het systeem. Maar zodra boeren hogere lonen eisen of meer voedsel nodig hebben om te kunnen werken, blijft er minder netto-product over en daalt de levensstandaard van de grondeigenaren. Het evenwicht is dus kwetsbaar en tegelijk hiërarchisch: de werkenden produceren, de bezitters consumeren.

Quesnay’s economie is daarmee een kringloopmodel van agrarische waarde: alle goederen komen voort uit de grond, worden via arbeid omgezet in producten, en keren via consumptie en herinvestering weer terug naar de landbouw. Handel en nijverheid voegen zelf geen nieuwe waarde toe; zij verdelen slechts wat de grond heeft opgeleverd.


De betekenis van macht en monopolie

In dit model speelt macht een doorslaggevende rol. De grondeigenaren bezitten een feitelijk monopolie op de levensbron. Wie wil eten of leven, moet hun grond bewerken. Daardoor kunnen zij bepalen hoe de opbrengst wordt verdeeld. Zolang de boeren genoeg krijgen om te overleven, blijft de productie doorgaan en kunnen de eigenaren leven van het overschot. Maar zodra de boeren hun werk beperken, minder produceren of in opstand komen, stort het systeem in. Dat maakt het ook een politiek model: stabiliteit berust op gehoorzaamheid en afhankelijkheid.


Van landbouw naar moderne economie

Hoewel Quesnay sprak over zaaigoed, graan en werktuigen, is zijn logica tijdloos. In een moderne variant kun je de grond vervangen door geld of krediet. Banken bezitten dan de toegang tot de “productiemiddel” van deze tijd: geldschepping. Burgers en bedrijven kunnen alleen produceren of consumeren door dat middel te lenen en er rente over te betalen.

De rente vervult in deze kringloop dezelfde rol als de pacht in Quesnay’s model. Wie de rente int, leeft van het werk van anderen; wie de rente betaalt, houdt minder over voor consumptie. Het netto-product wordt zo niet meer gemeten in graan, maar in koopkracht. Ook hier bepaalt macht (toegang tot geld), techniek (productiviteit) en voorkeur (consumptie of sparen) de verdeling van het overschot.

Als de banken te veel waarde naar zich toe trekken via schulden en rente, stokt de circulatie – net zoals bij Quesnay te veel pacht de landbouw verzwakte. En net als toen wordt de economie pas gezond als de kringloop van productie, inkomen en herinvestering weer in balans komt.


Kern van Quesnay’s inzicht

De economie is geen som van losse transacties maar een levend systeem waarin waarde voortdurend moet rondstromen.
Wie de bron van die waarde monopoliseert – destijds de grond, nu het krediet – bepaalt hoeveel er kan worden geproduceerd, geconsumeerd en gedeeld. Wordt te veel van het overschot aan de bovenkant opgevangen, dan droogt de kringloop uit.

Dat is Quesnay’s les in één zin: Een economie leeft van haar kringloop; wie de bron afknijpt, maakt de samenleving ziek.

Previous Post Next Post
@media print { /* Verberg alle ongewenste onderdelen */ header, .site-header, nav, .main-navigation, .sidebar, .site-sidebar, aside, footer, .site-footer, .widget-area, .breadcrumbs, .post-meta, .related-posts, .comments-area, .print-hide { display: none !important; height: 0 !important; margin: 0 !important; padding: 0 !important; overflow: hidden !important; } /* Verberg ook bepaalde vaste*