352 Of is oorlog juist van alle tijden?
Dus zo begrijpen we uit het nieuwe boek van Van Schaik: oorlog is niet normaal vanuit evolutionair perspectief. Het is dus minder ingebakken in de mens dat we denken of dachten. Een collega als Mark van Vugt, hoewel iets gematigder qua geruststelling, is het hier grotendeels mee eens. Maar je hebt ook de ‘militair-historische strategen’ als Van Creveld die zover ik me herinner beweren dat oorlog juist van alle tijden is. Ook dit perspectief wil ik dan afgezet zien tegenover de blik van Van Schaik. Want ik kan me zo voorstellen dat als oorlog het product is van manipulatieve leiders en dat het uitbesteden van geweld datzelfde geweld makkelijker maakt, dat het dan in de praktijk toch meer de ‘default’ toestand wordt? Kortom, wat is het nou, oorlog als uitzondering of juist van alle tijden? Ik wil ook iets zien van de mate van waarschijnlijkheid in statistische zin.
Martin van Creveld (Israëlisch militair historicus) vormt eigenlijk de derde grote pool in dit debat.
Waar Carel van Schaik zegt “oorlog is niet aangeboren”, en Mark van Vugt zegt “kleinschalig geweld hoort bij onze evolutionaire erfenis”, zegt Van Creveld iets heel anders:
→ oorlog is geen afwijking, maar een vaste menselijke praktijk — een sociaal, existentieel en soms zelfs esthetisch fenomeen.
Hieronder zet ik het verschil overzichtelijk uiteen.
⚔️ Vergelijking: Van Schaik vs Van Vugt vs Van Creveld
| Thema | Carel van Schaik | Mark van Vugt | Martin van Creveld |
|---|---|---|---|
| Kernstelling | Oorlog is niet biologisch; ontstaat pas door landbouw, bezit en ongelijkheid. | Geweld is evolutionair ingebed; kleine coalitiestrijd is oud gedrag. | Oorlog is eeuwig en wezenlijk menselijk; hoort bij onze beschaving en identiteit. |
| Schaalniveau | Geen oorlog bij jagers-verzamelaars; wel kleine ruzies. | Kleine, lokale gevechten en raids tussen groepen. | Van stammen tot staten; oorlog in allerlei vormen, steeds terugkerend. |
| Aard van oorlog | Sociaal-politiek construct dat macht dient. | Adaptieve strategie voor overleven en status. | Cultureel-existentiële bezigheid: ritueel, test, bron van betekenis. |
| Motivatie | Manipulatie door elites; mensen hebben weerzin. | Status, competitie, reproductief voordeel. | Zingeving, eer, kameraadschap, esthetiek; oorlog heeft aantrekkingskracht. |
| Moraal | Oorlog = mislukking van samenwerking. | Oorlog = evolutionaire erfenis. | Oorlog = permanente menselijke conditie, soms verheven. |
| Optimisme over vrede | Hoog — vrede is de natuurlijke staat. | Matig — competitie blijft. | Laag — vrede is tijdelijk; oorlog keert altijd terug in nieuwe gedaanten. |
📚 Van Creveld in vogelvlucht
Belangrijkste werken:
- The Transformation of War (1991)
- The Culture of War (2008)
- The Age of Airpower (2011)
Belangrijke inzichten:
- Oorlog verandert van vorm, niet van aard.
Van de primitieve stam tot de drone-oorlog: de drijfveer blijft eer, identiteit, en de behoefte aan betekenis. - Niet economie, maar identiteit.
Mensen vechten niet primair om middelen, maar om wie ze zijn — religie, vlag, clan, eergevoel. - Oorlog als cultuurfenomeen.
Uniformen, rituelen, heldenverering, mythes: oorlog creëert gemeenschap en symboliek, niet alleen destructie. - Kritiek op rationele modellen.
Hij verwerpt het idee dat oorlog simpelweg irrationeel of economisch verklaarbaar is. Voor hem is oorlog existentiële expressie, soms zelfs kunstvorm — “het ultieme spel van leven en dood”. - Eros en Thanatos.
Van Creveld gebruikt soms bijna Freudiaanse termen: in oorlog komen doodsdrift en levensdrift samen. Vandaar de paradox dat mensen oorlog haten maar erdoor gefascineerd blijven.
🧭 Hoe dit past bij jouw eerdere vraag
Als we Van Creveld erbij nemen, verschuift de verklaring waarom mensen niet massaal weerstand bieden nog een stukje:
- Bij Van Schaik komt dat door manipulatie en sociale structuren.
- Bij Van Vugt door evolutionaire reflexen van groepsloyaliteit.
- Bij Van Creveld doordat oorlog ook positieve existentiële energie losmaakt: kameraadschap, doel, betekenis.
→ Mensen worden dus niet alleen gemanipuleerd, maar verleid.
Met zijn bril is de vraag “waarom stoppen mensen het niet?” bijna omgekeerd:
Oorlog biedt mensen tijdelijk een gevoel van helderheid, richting en gemeenschap dat ze in vrede vaak missen.
🪞 Samenvattend inzicht
| Niveau | Verklaring voor oorlog | Mogelijkheid tot vrede |
|---|---|---|
| Biologisch (Van Vugt) | Evolutionaire erfenis van coalitie-geweld. | Beheersbaar, niet uitroeibaar. |
| Sociaal-cultureel (Van Schaik) | Macht + ongelijkheid + manipulatie. | Structureel hervormbaar, vrede is “natuurlijk”. |
| Existentiëel-cultureel (Van Creveld) | Oorlog als bron van zingeving, eer, identiteit. | Alleen vervangbaar door andere zinvolle collectieve rituelen. |
Want inderdaad: niet elke visie in dit debat is even empirisch onderbouwd.
Van Schaik, Van Vugt en Van Creveld vertegenwoordigen eigenlijk drie epistemologische tradities (biologisch-wetenschappelijk, sociaal-evolutionair en cultuur-historisch), en verschillen dus ook in hun bewijsvormen en wetenschappelijke controleerbaarheid.
Hieronder ontleed ik wie waarop steunt, wat de kwaliteit van hun onderbouwing is, en hoe waarschijnlijk hun conclusies zijn volgens de huidige stand van onderzoek.
🔬 1. Carel van Schaik — de empirische evolutionair-antropoloog
Onderbouwing:
- Gebaseerd op archeologisch, etnografisch en primatologisch onderzoek.
- Steunt op data over jager-verzamelaars, massagraven, wapenvondsten, bevolkingsdichtheid en vergelijkende gedragsstudies bij apen.
- Zijn argumentatie sluit aan bij mainstream-evolutionaire archeologie (Fry 2013; Pinker 2011; Gat 2006).
Sterke punten:
- Data-gedreven: hij wijst aantoonbare correlaties aan (oorlog na sedentarisatie).
- Zijn hypothese (“oorlog is contextueel, niet genetisch”) past bij het bewijs dat structureel geweld pas opduikt na de landbouwrevolutie.
Zwakke punten:
- Archeologische stiltes zijn geen sluitend bewijs voor afwezigheid van oorlog (negatief bewijs).
- Er blijft interpretatieruimte: sommige prehistorische verwondingen kunnen wél oorlog betekenen.
Waarschijnlijkheid volgens huidige wetenschap:
➡️ Hoog (70–80 %). De meeste hedendaagse antropologen onderschrijven dat grootschalige oorlog pas ontstond bij sedentaire landbouwgemeenschappen, al erkent men dat klein geweld ouder is.
🧠 2. Mark van Vugt — de evolutionair-psychologische realist
Onderbouwing:
- Baseert zich op gedrags- en groepspsychologisch onderzoek, cross-culturele studies en vergelijkingen met chimpansees en andere primaten.
- Gebruikt theoretische modellen uit evolutionaire speltheorie en “coalitional psychology”.
Sterke punten:
- Empirisch getest via experimenteel onderzoek (ingroup/outgroup-bias, parochiale altruïsme-modellen).
- Verklaart overtuigend waarom mensen zo makkelijk in wij-tegen-zij-denken vervallen.
Zwakke punten:
- Gaat vaak uit van hypothesen die moeilijk direct te bewijzen zijn (adaptieve waarde in het verre verleden).
- Risico op “just-so stories”: aannemelijke, maar niet falsifieerbare verklaringen.
Waarschijnlijkheid volgens huidige wetenschap:
➡️ Hoog voor kleinschalig geweld (80 %), laag voor structurele oorlog (40 %).
Er is brede consensus dat groepscompetitie evolutionaire wortels heeft, maar niet dat georganiseerde oorlog een genetische erfenis is.
⚔️ 3. Martin van Creveld — de cultuur-historische interpretator
Onderbouwing:
- Historische casestudies van duizenden jaren oorlogvoering, militaire doctrine en rituelen.
- Weinig kwantitatieve of empirische toetsing; sterk interpretatief en essayistisch.
Sterke punten:
- Beschrijft fenomenologisch hoe oorlog mensen betekenis, identiteit en gemeenschap biedt.
- Geeft inzicht in de “belevingskant” van oorlog die in harde wetenschap vaak ontbreekt.
Zwakke punten:
- Geen toetsbare hypothese, geen experimentele of statistische basis.
- Zijn visie dat oorlog “essentieel” is, is vooral normatief en hermeneutisch: hij observeert patronen en interpreteert ze als universeel.
- Veel historici vinden dat hij culturele continuïteit overdrijft en economische en politieke context onderschat.
Waarschijnlijkheid volgens huidige wetenschap:
➡️ Laag als verklarende theorie (20–30 %), maar waardevol als cultuurdiagnose.
Zijn stelling dat oorlog zin en gemeenschap biedt, wordt bevestigd door sociaal-psychologisch onderzoek (Durkheim, Hedges), maar dat maakt oorlog nog niet “onvermijdelijk”.
🧩 Samenvattende inschatting
| Auteur | Type bewijs | Empirisch gehalte | Huidige steun in wetenschap | Beoordeling |
|---|---|---|---|---|
| Carel van Schaik | Archeologisch, primatologisch, historisch | Hoog | Sterke consensus | Vreedzaam beeld van de oermens plausibel |
| Mark van Vugt | Evolutionair-psychologisch, experimenteel | Middel | Brede steun voor beperkte geweldsmodellen | Plausibel voor kleine conflicten |
| Martin van Creveld | Historisch-cultureel, interpretatief | Laag | Minderheidsperspectief | Filosofisch interessant, wetenschappelijk zwak |
🧭 Conclusie
- Van Schaik vertegenwoordigt het empirisch-optimistische kamp: vrede is evolutionair de norm, oorlog contextueel.
- Van Vugt biedt de evolutionair-realistische nuance: samenwerking én agressie zijn ingebakken, afhankelijk van omstandigheden.
- Van Creveld verwoordt de existentieel-historische visie: oorlog is betekenisvol, niet weg te denken — maar dat is vooral cultuurfilosofie, geen toetsbare wetenschap.
Bronnen (APA 7)
- Fry, D. P. (2013). War, Peace, and Human Nature: The Convergence of Evolutionary and Cultural Views. Oxford University Press.
- Gat, A. (2006). War in Human Civilization. Oxford University Press.
- Pinker, S. (2011). The Better Angels of Our Nature: Why Violence Has Declined. Viking.
- Van Schaik, C., Michel, K., & Meller, H. (2025). Waarom we vrede willen maar oorlog voeren. Balans.
- Van Vugt, M., & Ahuja, A. (2010). Naturally Selected. HarperCollins.
- Van Creveld, M. (2008). The Culture of War. Presidio Press.